icon-mouse icon-mountain icon-facebook icon-instagram icon-pinterest icon-twitter icon-youtube icon-close icon-zoek icon-triangle-left icon-triangle-right
Image
Huttentochten Frankrijk
Landeninformatie

Huttentochten in Frankrijk: 10 mooie gebieden

  • 04 februari 2021
  • Door: Roel van den Eijnde

In Frankrijk liggen twee van de grootste bergketens van Europa: de Alpen en de Pyreneeën. In beide berggebieden én op het eiland Corsica kun je uitdagende huttentochten maken. Maar ook in middelgebergten als de Vogezen, Jura en Centraal Massief vind je berghutten. In dit artikel bespreken we de mogelijkheden. Allez, dans les montagnes!

Over berghutten in Frankrijk...

Het is onbekend hoeveel berghutten er in totaal op Frans grondgebied liggen. Een voorzichtige schatting zegt dat het er ongeveer 350 moeten zijn. Wat in ieder geval zeker is, is dat een derde daarvan (123 hutten om precies te zijn) in bezit is van de Fédéraction Française des clubs et des montagne (FFCAM); de Franse zustervereniging van de Nederlandse Koninklijke Alpenvereniging NKBV.

1. Huttentochten in de Mercantour (Alpen)

De Mercantour, waarvan het grootste deel in het departement Alpes-Maritimes ligt, is een machtig berggebied in het warme, zuidoostelijke deel van de Westalpen. Het loopt door tot over de Italiaanse grens (waar het Alpi Marittime heet) en herbergt imposante toppen die tot over de drie kilometer hoogte reiken. Een groot deel van het berggebied valt binnen de grenzen van het Parc National du Mercantour; een beschermd gebied waar de kans groot is om gemzen, wolven, moeflons en steenbokken te zien.
De paden en markeringen in de Mercantour zijn ronduit uitstekend. Er lopen maar liefst vier GR’s door het gebied: de beroemde GR5, de Gr52, GR 52A en Grande Traversée du Mercantour (GTM). Door het warme klimaat enerzijds en overvloedige regenval in het najaar anderzijds kent het gebied een zeer diverse flora. De geringe doorlaatbaarheid van de bodem zorgt daarnaast voor talrijke beken, meren en watervallen.

Wie een huttentocht door het gebied plant, kan op redelijke afstand van elkaar in een hut overnachten. Waar geen hut staat, vind je wel vaak een gîte d'étape of een tot eenvoudige hut omgebouwde boerderij. Een trektocht door het gebied (waarbij je makkelijk naar Italië oversteekt) is dan ook prima mogelijk. De beklimming van een mooie top mag daarbij uiteraard niet ontbreken. Bijvoorbeeld de 3050 meter hoge Mont Pelat die ook voor kinderen een uitdaging vormt.

Image
mercantour8-600x398.jpg

2. Huttentochten in de Écrins (Alpen)

In de driehoek van de steden Grenoble, Briançon en Gap ligt het schitterende massief van de Écrins, ook bekend als Pelvoux-massief. Na dat van de Mont Blanc, is het het hoogste bergmassief van Frankrijk. Ook de zuidelijkste vierduizender van de Alpen (de Barre des Écrins ) vind je in de Écrins. Sinds 1973 behoort het grootste deel van de Écrins tot het Parc National des Écrins dat met 91.800 hectare meteen het grootste nationaal park van de Alpen is. De meest beschermde zone, waar ook de 4102 meter hoge Barre des Écrins ligt, kent nauwelijks bebouwing. Het is een zeer indrukwekkend gebergte met gletsjers, ruige dalen, uitzichten op ongekend wilde bergen, eeuwige sneeuw en ijs.

De valleien Champsaur en Valgaudemar vormen de onderste regionen van het grote Nationaal Park des Écrins. Deze omgeving staat bol van de mogelijkheden. Niet alleen voor wandelaars en klimmers, maar ook voor canyoning en raften is dit een heerlijke plek. Voor families met kinderen zijn de Écrins minder geschikt. Een onvergetelijke familietocht is echter die naar de mooi gelegen Refuge de Vallonpierre. Een wandeling van een uur of drie en daarna badderen in het meertje naast de hut, marmotten tellen in de vallei en genieten van de kookkunsten van de gardien.

Image
Huttentocht-NPdesEcrins2596-600x398.jpg
Refuge le Vallonpierre in de Écrins.

3. Huttentochten in de Vanoise (Alpen)

De Vanoise is één van de drie nationaal parken in de Alpen. Hier vind je misschien geen vierduizenders zoals in de Écrins, maar evengoed wél 107 toppen over de 3000 meter en machtige bergketens waartussen groene en idyllische dalen liggen die worden afgesloten door cirques. Veel bergtoppen zijn relatief makkelijk bereikbaar waardoor de Vanoise ook voor gezinnen met kinderen interessant is.

De Vanoise ligt in het zuidelijkste puntje van de departement Savoye, onderdeel van het departement Rhöne-Alpes. He Parc National de la Vanoise was het eerste nationaal park in Frankrijk dat in 1963 werd opgericht om de enorme teruggang van steenbokken en gemzen te stoppen én de groei van skigebieden een halt toe te roepen. Waren er toen nog maar 40 steenbokken in het gebied, inmiddels is dat aantal tot over de 2000 gegroeid. Ook korhoenders en adelaars vind je er volop en sinds het einde van de jaren ’90 is de wolf weer geherintroduceerd. Het Parc National de la Vanoise grenst aan het Italiaanse Parco Nazionale Gran Paradiso. De twee parken zijn in 1972 gaan samenwerken, waardoor er een 1250 km² groot beschermd gebied is ontstaan met ongekend veel mogelijkheden voor een huttentocht.

Wie meerdere dagen op stap wil: de beroemde GR5 van Hoek van Holland naar Nice loopt door de Vanoise. Daarnaast kun je in zes dagen de Tour de la Vanoise lopen.

Image
Berghut Vanoise
Refuge de Plaisance in Parc national de la Vanoise (Foto: Wikimedia)

4. Huttentochten in de Queyras (Alpen)

De Queyras is samen met de Écrins, Vanoise en het Mont Blancmassief nog zo’n machtig  wandeleldorado voor een meerdaagse huttentocht. Hoewel het een relatief klein gebied is, vind je bijna nergens in de Alpen zulke makkelijke wandelbergen als in de Queyras. Bovendien zijn veel paden en routes ook geschikt voor kinderen. Warm aanbevolen: een nacht bivakkeren onder de sterren. Dat is toegestaan buiten het park, mits je de tent (of de bivakzak) pas aan het eind van de dag opzet, al je afval meeneemt en ’s morgens vroeg weer vertrekt.

Het Parc Naturel Régional du Queyras vormt het dal waaruit de Queyras grotendeels bestaat. Door dit dal stroomt de rivier de Guil die weer uitmondt in de grotere Durance. Het is een van de meest geïsoleerde berggebieden van Frankrijk.

Een prachtige ronde door het gebied vormt de Grande Randonnée du Queyras (GR58). Op deze route liggen zo’n twaalf hutten waardoor het makkelijk is de tocht langer of korter te maken. Snelle lopers doen hem in zeven dagen, maar tien dagen is ook prima mogelijk. Voor wie een mooie top wil beklimmen, vormt de Mont Viso (Monviso) die in Italië ligt een uitdagende dagtocht. Een andere tocht, ook voor gezinnen met kinderen, is de Pic de Caramantran (3.025 m); de makkelijkste drieduizender van de Queyras.

5. Huttentochten in het Mont Blancmassief (Alpen)

Het Mont Blancmassief herbergt naast de hoogste berg van de Alpen, de 4808 meter hoge Mont Blanc, meer dan 400 bergtoppen en 40 gletsjers. De bekendste tocht in het massief is uiteraard de Tour du Mont Blanc of wel TMB, tevens één van de oudste GR’s van Europa. Goede lopers doen hem in zeven dagen, maar elf dagen is een prima uitgangspunt. Daarbij moeten 10.000 hoogtemeters worden overwonnen. Onderweg vind je een keur aan berghutten en sfeervolle gîtes d'étape.

De 170 km lange ‘klassieke route’ voert door de regio’s Haute-Savoie en Savoie in Frankrijk, Aosta in Italië en Valais in Zwitserland. Tijdens het lopen kom je in aanraking met de karakteristieke landschappen, cultuur en keuken van deze drie landen. Per dag loop je tussen de 4 en 8 uur. Er zijn volop alternatieve etappes en het ruime aanbod aan over­nachtings­­­­plekken geeft je de vrijheid om dagetappes naar gelieve in te korten. Het hoogste punt op de klassieke route is de Col de la Croix du Bonhomme (2.433 meter). Naast deze klassieke route bestaat er ook een moeilijkere, alpiene variant.

Image
Mont Blanc
De Mont Blanc.

6. Huttentochten in de Beaufortain (Alpen)

De Beaufortain ligt in de Savoie, in het noordelijke deel van de Franse Alpen. Het bestaat niet uit één keten van aaneengesloten toppen, maar uit een gebied met verspreid liggende bergen. De opvallendste is de Pierra Menta (2.714 m) die als een massieve rotsklomp oprijst uit de aarde en de omgeving van alle kanten domineert. De Aiguille de la Nova (2.893 m) echter maakt de meeste indruk met zijn gekartelde graten en rotstorens. Het wandelen is hier absoluut niet saai, want groene weiden en stenige bergflanken wisselen elkaar voortdurend af.

De Beaufortain is een prima inloopgebied voor mensen die niet meteen grote hoogteverschillen willen overwinnen. Maar het gebergte is ook uitdagend en mooi genoeg om er een hele vakantie door te brengen. De paden zijn over het algemeen niet al te moeilijk. Voor wie tijd heeft is de Tour du Beaufortain van zo’n zeven dagen een prachtige mogelijkheid om dit onbekende gebied beter te leren kennen. Een klein deel van de route kent een overlap met de beroemde en druk belopen Tour du Mont Blanc.

7. Huttentochten in de Pyrénées Ariégeoises (Pyreneeën)

Dit machtige berggebied ten zuiden van Toulouse loopt helemaal door tot aan de grens van Andorra. In de streek ligt ook het Parc Naturel Régional des Pyrénées Ariégeoises dat wordt gekenmerkt door hoge bergen, uitgestrekte bossen, heldere meren, nauwe valleien, watervallen en vele rivieren en beken. Het wordt veel minder druk bezocht dan het bekendere en grotere Parc National des Pyrénées Occidentales. Wandelaars, mountainbikers en natuurliefhebbers hebben het gebied inmiddels ook gevonden. Het leent zich prima voor dagwandelingen, maar ook voor meerdaagse huttentochten. Geroemd wordt de vriendelijke bevolking, rijke keuken en authentieke sfeer. Het hoogste punt van het park is de Pique d’Estats. Deze bergtop op de grens met Spanje is 3143 meter hoog en biedt een prachtig uitzicht op de omgeving. In het park komt veelvuldig de lammergier voor. Veel zeldzamer is de bruine beer die in de Pyreneeën in de jaren ’90 werd geherintroduceerd nadat hij aanvankelijk was uitgestorven. Vanaf 2014 werd ook de Iberische steenbok weer in het park teruggebracht.

8. Huttentochten in Parc National des Pyrénées Occidentales (Pyreneeën)

De GR10 is een uiterst populaire langeafstandswandelroute van totaal 939 km die in 52 etappes dwars door de Franse Pyreneeën voert. Misschien wel het mooiste deeltraject van deze route voert in 8-9 dagen vanuit het fraai gelegen Lescun naar het keteldal van Gavarnie. Daarbij doorkruis je een deel van het Parc National des Pyrénées Occidentales. Dit in 1967 opgerichte nationale park is het enige in de hele Franse Pyreneeën. Het is een uiterst gevarieerd en schitterend berglandschap met watervallen, middeleeuwse dorpjes, imposante pieken als de Vignemale (3032 m) en het beroemde en indrukwekkende Cirque de Gavarnie. Wandelaars hebben een grote kans gemzen en marmotten tegen te komen. Bloemen zijn hier zeer rijk vertegenwoordigd; alleen al in dit park komen al zo’n 160 unieke soorten voor. Het park sluit op de Spaanse grens aan op het Nationaal park Ordesa y Monte Perdido. Beide parken staan op de Unesco-Werelderfgoedlijst.

Image
Pyreneeën

9. Provencaalse Alpen (Provence/ Dauphiné)

Verscholen achter de kalkplateaus van de Vercors en de bergen van de Diois, in een van de droogste en zonnigste delen van de zuidelijke Alpen, liggen de Provençaalse Alpen. In de naamgeving ligt het karakter van het gebied al besloten: hier treffen de mediterrane sfeer van de Provence en het koele hooggebergte van de Dauphiné elkaar. Met meer dan 1250 plantensoorten en 100 vogelsoorten waaronder steenarenden, oehoes en het auerhoen, behoort dit gebied tot een van de rijkste natuurgebieden van Frankrijk. Eind 19e eeuw werd deze landstreek getroffen door grootschalige aardverschuivingen als gevolg van ontbossing en overbeweiding. Sindsdien heeft het ONF (het Franse Staatsbosbeheer) een zeer doordacht herbe­bossings­pro­gram­ma uitgevoerd met oog voor resultaat op lange termijn. Alleen dankzij de herbebossing en het zorgvuldige bos- en natuurbeheer in dit gebied heeft de natuur zich zo fantastisch kunnen herstellen. In het gebied liggen prachtig gerestaureerde boswachtershuizen die destijds dienst deden als onderkomen voor de bosarbeiders. De beklimming van de 2709 meter Pic de Bure wordt gezien als hoogtepunt van een tocht door dit gebied.

10. GR 20 (Corsica)

Jaarlijks trekt de beroemdste Franse Grande Randonnée zo’n 10.000 wandelaars naar Corsica. De GR20 (Fra Li Monti in het Corsicaans, wat ‘tussen de bergen’ betekent) heeft een lengte van bijna 200 kilometer en verbindt Calenzana in het noordwesten met Conca in het zuidoosten. De gehele route bestaat uit 16 etappes met berghutten, gites d’étape en hotelletjes op dagafstand van elkaar.
Vooral de spectaculaire GR20-Nord geldt als bijzonder zwaar en vergt het nodige van wandelaars. In dit noordelijke traject wordt de etappe van Vallone naar Ht. Asco, met de lange klim tot bijna op de Monte Cinto (2706 meter), als de absolute koninginnenetappe gezien. Langzaam stijg je door rotsen en los gruis naar de Pointe des Eboulis (2604 meter), het hoogste punt van de hele GR 20. Nog niet bijgekomen van deze pittige klim, word je meteen getroffen door de onwaarschijnlijke schoonheid van deze bergwereld: een peilloze diepte van een onbeschrijfbare grilligheid en overweldigende uitzicht over de natuurpracht van Corsica.

Image
Wandelen Corsica GR20
Corsica tijdens de GR-20 (Foto: Erik Van de Perre).
Meer informatie

Over berghutten in Frankrijk

Wil je meer weten over de berghutten in Frankrijk en op Corsica? We hebben ook een artikel dat meer algemene informatie geeft over het maken van een huttentocht in Frankrijk. In dit artikel vind je meer over de berghutten en over het reserveren van deze hutten.

Aan dit artikel verleenden Noes Lautier, Ton Joosten en Erik van der Perre hun medewerking. Noes schreef enkele wandelgidsen over de Franse Alpen. Erik Van der Perre schreef een gids over de GR-20 (komt uit in april 2021). Ton Joosten schreef een groot aantal wandelgidsen over de Pyreneeën en bezit daar een eigen chambres d’hôtes