icon-mouse icon-mountain icon-facebook icon-instagram icon-pinterest icon-twitter icon-youtube icon-close icon-zoek icon-triangle-left icon-triangle-right
Image
Madeira
Routes

Top 5 wandelroutes Madeira

  • 13 november 2020
  • Door: Dirk Wijnand de Jong
  • Fotografie: Ruben Drenth

Op Madeira krijgt elk stukje eiland zijn eigen voorkeursbehandeling van Moeder Aarde en dat maakt het bloemenparadijs in de Atlantische Oceaan een wereld op zich. Met als grootste voordeel voor de wandelaar: elke dag een ander landschap.

1. Machico - Boca do Risco – Porto da Cruz (12 km)

Vanaf het uitkijkpunt Boca do Risco in het noordoosten van het eiland heb je een belachelijk mooi uitzicht op de oceaan waarvan de kleur je onmiddellijk aan ballpointinkt doet denken. De golven worden er tot schuim opgeklopt en slaan met geweld tegen de donkerbruine rotsen onder je. En als je maar lang genoeg je ogen openhoudt en je blik scherpstelt, zie je een walvis of dolfijn passeren. Om dit hoogtepunt te bereiken begin je in het zuidoosten van het eiland, in Machico, en volg je de Levada dos Maroços stroomopwaarts. De levada neemt je aan de hand mee door boerenveldjes en achtertuinen, waar bewoners zoete aardappelen en tomaten verbouwen en geiten houden, en is een fascinerend inkijkje in de oude cultuur en agrarische tradities van het eiland. Na een uur de stroom van de levada te hebben gevolgd draai je recht omhoog de berg op, waar de heuvels aan beide zijden van het pad bezaaid zijn met mimosa en eucalyptus. Na de Boca do Risco, op 350 meter hoogte, maak je een draai over de heuveltop en vervolg je je weg bergafwaarts, in westelijke richting. Wandelaars met hoogtevrees zullen op dit deel van de route af en toe de kaken op elkaar moeten knijpen. Het onverharde pad lijkt uit de klif gebeiteld en is bij vlagen hartverlammend smal. Maar de uitzichten op de eindeloze oceaan, glad tot aan de horizon, zijn geestverruimend en maken alles goed. De rest van de wandeling volgt de uitlopers van het gebergte tot aan zeeniveau, en rolt zo het plaatsje Porto da Cruz in met haar gezellige terrasjes.

Image
Madeira

2. Levada do Caldeirão Verde (PR9) (13 km)

Ook deze spectaculaire wandeling volgt de stroom van een oud aquaduct. Startpunt van de heen-en-weer-route is Queimadas Forestry Park in Santana, in een bos met geurende Japanse ceders en Europese berken. Bij deze groene wandeling (verde betekent groen) volg je het slingerende beloop van een achttiende-eeuwse levada, in tegengestelde richting, dwars door het door UNESCO beschermde laurierbos. Op deze plek kan het zo vochtig worden dat je soms letterlijk met je hoofd in de wolken wandelt. Smalle onverharde paden waarbij je steil omhoogloopt en stukken waarbij je over niet veel meer dan de stenen levada zelf loopt, wisselen elkaar in hoog tempo af. Sommige delen zijn zo smal dat je bij elke stap moet uitkijken waar je je voeten plaatst. In de viertal tunnels die je moet trotseren is vooral het lage plafond je grootste tegenstander. Een zaklamp is dan ook onontbeerlijk tijdens deze wandeling. Desondanks is de route goed onderhouden en voorzien van trappetjes en relingen, zodat je met genoeg houvast kunt genieten van de met ‘stinky laurel’ en ‘bay laurel’ bedekte hellingen aan de rechterkant. Op weg naar de indrukwekkende 100 meter hoge waterval aan het einde van de wandeling wipt zo nu en dan een nieuwsgierige madeiragoudhaan over de takken met je mee.

Image
Madeira

3. Vereda do Areeiro (PR1) (7 - 10,5 km)

De Vereda do Areeiro wordt gezien als de mooiste wandeltocht van Madeira. De route verbindt de hoogste top van het eiland, de Pico Ruivo (1862 meter), met de op twee na hoogste top van het eiland, de Pico do Areeiro (1818 meter), en voert slingerend en stijgend langs de op een na hoogste, de Pico das Torres (1853 meter). Maar ook de rest van de route is een aaneenschakeling van hoogtepunten. Al vrij snel na vertrek vanaf de Pico do Areeiro struin je over een spectaculair smal pad over een puntige bergkam en kijk je vanaf het uitkijkpunt Ninho da Manta, het buizerdsnest, uit op Curral de Freiras, de Valley of the Nuns – de vallei waar de nonnen naartoe vluchtten toen Franse piraten het eiland bestormden. Een andere vogel die hier weleens rondvliegt, correctie: alléén hier rondvliegt, is de bedreigde freira, de madeirastormvogel. De vogel werd door herders in de vallei vernoemd naar de nonnen – freira betekent non in het Portugees – omdat het klagerige gezang van de vogel hen deed denken aan hun getormenteerde zielen. Op twee plekken op de route is de inspanning behoorlijk pittig: de stalen trappen vastgeklonken in de rotsen om hoogte te maken voor de volgende afdaling en de beslissende klim naar de top van de Pico Ruivo. Vanaf de berghut daal je via de PR1.2 verder af naar de parkeerplaats in Achada do Teixeira, die door veel wandelaars als shortcut naar de Pico Ruivo wordt gebruikt.

Image
Madeira

4. Vereda do Pico Branco e Terra Chão (PS PR1) (5.2 km)

De wandeling naar de top van de Pico Branco, de witte piek, lijkt in geen enkel opzicht op welke andere wandeling dan ook. De populairste wandelroute van het eiland Porto Santo, op drie uur varen van Madeira, gaat door een grijs en gruizig landschap dat het beste te vergelijken is met Mordor, en dat maakt ‘m juist zo spannend. De route start vanaf een stoffig parkeerterreintje langs de regionale weg en schiet al snel dwars door een geologisch wonder: een bergflank gemaakt van kaarsrechte witte kolommen die doet denken aan een reusachtig pijporgel en die Rocha Quebrada heet, de Gebroken Rots. Zoveel is duidelijk: Porto Santo heeft niet dezelfde groene overdaad als het grotere zusje Madeira (want groter, maar ook jonger dan Porto Santo), maar kan zo fungeren in een avonturenfilm. Wanneer het ezelspad na anderhalve kilometer zigzaggend steil omhoogschiet en je om de hoogste pieken keert en draait, sta je plotseling in een aangenaam groen en heerlijk geurend bosje van cipressen. Daar kan de wandelaar twee kanten op: linksaf naar de piek van de Pico Branco, de op een na hoogste berg van Porto Santo (460 meter), en rechtsaf naar Terra Chã, een rotsachtig plateau waar vroeger gerst werd verbouwd, maar waar nu een stenen huisje te vinden is waar endemische vegetatie opnieuw wordt aangeplant, en bestudeerd. In zee onder je liggen mijmerende rotspartijen en het gezellige plaatsje Vila Baleira met haar gouden zandstrand. De route gaat over dezelfde weg weer terug.

Image
Madeira

5. Vereda da Ponta de São Lourenço (PR 8) (6km)

De weg naar het meest oostelijke puntje van Madeira gaat omhoog en omlaag en omhoog en omlaag en de verscheidenheid van kleuren is onnavolgbaar. Niet in de vegetatie, die is er op deze door weer en wind vanuit het noorden kaalgeschoren rotsen amper, op hier en daar de endemische Trots van Madeira en Violier van Madeira na. Veel meer kleur vind je in de mineraalrijke ondergrond die je hier open en bloot bewandelt. Van tennisbaanrood, zalmroze, mandarijnoranje tot mosgroen en alle tinten daar tussenin. Verreweg het meest spannende deel over de Ponta de São Lourenço, vernoemd naar de boot van de drie Portugese kapiteins die Madeira ontdekten, is het punt waar de afstand tussen de noordkust en zuidkust van het eiland het allerkleinst is. Aan beide zijden van je wandelschoenen, tientallen meters lager, giert en brult de oceaan, een tweezijdig uitzicht dat je niet snel zult vergeten. Verderop, op het eindpunt van de wandeling, wacht een uitkijkpunt met zicht op de onbewoonde eilandjes Ilhéu do Desembarcadouro, een natuurreservaat, en Ilhéu de Fora, met op het uiterste puntje de oudste vuurtoren van Madeira. De wandeling gaat over dezelfde route terug en is dus een mooi moment om de focus van flora naar fauna te verleggen. De distels langs de route trekken puttertjes aan, op de flanken vind je kanaries en madeiravinken en in de zee spot je, als je heel veel voorbeeldige schietgebedjes hebt gedaan, de meest zeldzame zeehond op aarde: de Mediterrane monniksrob.

Image
Madeira
Image
VisitMadeira Logo

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Visit Madeira Portugal.