icon-mouse icon-mountain icon-facebook icon-instagram icon-pinterest icon-twitter icon-youtube icon-close icon-zoek icon-triangle-left icon-triangle-right
Image
Fietsen Tsjechie Elberadweg
Reisverhaal

De Elberadweg, van Praag naar Dresden

  • 14 mei 2019
  • Door: Kees Lucassen
  • Fotografie: Kees Lucassen

De Elberadweg, verkozen tot Duitslands mooiste fietsroute, is meer dan 1.200 kilometer lang en voert vanaf de bron van de Elbe in Tsjechië naar de Noordzee. Dat trap je niet in een week. Al was het alleen maar omdat er onderweg vele afstapwaardigheden lonken. Wij fietsen daarom slechts 235 kilometer: van Praag naar Dresden. Maar ook dan kijken wij onze ogen uit.

(1) Praag/0 km

Image
Elberadweg

Kafka & Dvořák

Pie-hie-hie-hie… luid piepend komt de EuroCity tot stilstand. Om 9 uur ’s avonds, in het hart van de hoofdstad van Tsjechië. Via Amsterdam Centraal en Berlin Hauptbahnhof zijn Jelle, mijn 14-jarige zoon, en ik tot hier gekomen. Krap een half uur later staan we in onze hotelkamer,  dankzij de Pražské metro, en na 200 euro in pakweg 5.000 kronen te hebben gewisseld.
Weer tien uur later verkennen we Praag, kuierend tussen standbeelden (‘Kijk, Kafka!’ ‘En daar, Dvořák, de componist!’) en overdadig versierde gebouwen. Het Huis bij de Stenen Klok, de dertig beelden op de Karelsbrug over de Moldau, de Spaanse synagoge, het Staroměstské náměstíe (Plein van de Oude Stad), barokwijk Malá Strana en Café Louvre waar Albert Einstein zijn pijpje rookte, we zien het allemaal. Naast talloze T-shirts, koelkastmagneten en Matroesjka-poppetjes van de sterspelers van Barcelona, Juventus en - ik lieg dit niet - PEC Zwolle.
‘Morgen Mělník’,  zeg ik ‘s avonds, nadat we een schaal sushi hebben laten verdwijnen. Ja-knikkend checkt Jelle de weersverwachting op zijn mobieltje. ‘Zon pa!’, klinkt het quasi cool.
Waarna pa nog een jahodová zmrzlina (aardbeienijsje) en een Staropramen bestelt. Bier, sinds 1869 in Praag gebrouwen, maar dit terzijde.

Image
Elberadweg
Spaanse synagoge

(2) Praag - Mělník/57 km

Moldau & Elbe

In het strijklicht van de ochtend laten we Praag achter ons. Routebordjes en de Moldau volgend, die de Tsjechen zelf overigens de Vltava noemen, en uitkomt in de Labe, die de Duitsers dan weer de Elbe noemen. Simpel toch? Hoe dan ook, via de sluizen van Dolánky en káva (koffie) in Kralupy bereiken we Nelahozeves, een dorp onder een kloek kasteel. ’Hier werd,’ vertel ik aan Jelle , ‘in wat in 1841 een herberg annex slagerij was Antonín Dvořák geboren.’ In een parkje ernaast staat nu een nors kijkende sculptuur, voorstellende de maestro zelve, inclusief dirigeerstokje. ‘En de ex-slagerij is nu een museum, net als het slot, waarin werk van Bruegel, Rubens, Velásquez en - mijn favoriet - Canaletto de muren siert.’
‘En vandaag potdicht pa’, grijnst  zoonlief.
Dus trappen we verder. Over een roestige brug, langs het barokke Veltrusy-kasteel en tussen knalgeel koolzaad en zoetgeurende lindebloesem. Een veerman zet ons zingend over de Moldau, bij Bukol, waarna we koers zetten voor de laatste 9 kilometer van de dag. Naar Mělník, een stokoud stadje, hoog op een heuvel, met wijngaarden bekleed, en rijk aan historie. We rijden onder de 500 jaar oude Praagse Poort door, naar een beeld van keizer Karel IV en zien daar - diep onder ons - de Moldau in de Elbe stromen.
‘En nu?’ wil Jelle weten.
‘Kies jij maar. We kunnen onder de kerk in een knekelcrypte duizenden doodskoppen gaan bekijken, of nu in de zon voor jou een vanilka zmrzlina (vanille-ijsje) bestellen.’
‘Euh… en voor jou dan een…’
‘Karafje Lobkowicz Pinot Noir, van uit de wijnkelders onder het kasteel.’

Image
Elberadweg
Naar Bukol

(3) Melnik - Litoměřice/53 km

Oorlog & vrede

Van Mělník naar Roudnice nad Laben (Raudnitz an der Elbe), dat is slechts 25 kilometer. Al in 1333 werd er in deze stad een brug over de rivier gebouwd. En sinds 1466 wordt er Lobkowicz bier gebrouwen, maar dit terzijde, wij gaan nu voor čaj (thee) met appeltaart op het Karlovo náměstí (Karelsplein). Waarna we innerlijk gesterkt verder fietsen, tussen hopakkers, huppelende hazen en het klooster van de Heilige Catherina, tot waar de muren van een vestingstad opduiken. Theresienstadt.
‘Gebouwd aan het einde van de 18de eeuw, op bevel van Josef II, de keizer van Oostenrijk-Hongarije. Maar bekend door wat hier veel later gebeurde, de gruweldaden van de Nazi’s, die van Theresienstadt een Durchgangslager maakten. Ruim 33.000 gevangenen, meest joden, vonden hier de dood door honger, ziekte en mishandeling. En 87.000 werden naar de vernietigingskampen gedeporteerd.’
Vandaag wonen er zwaluwen. Ze scheren zwijgend door de gangen en nestelen in de lege cellen, waar je hun kuikens kunt horen piepen als remmende EuroCity’s. Zonder de grauwsluier van het verleden zou Theresienstadt een parel zijn, gelijk het Franse Briançon of het Italiaanse Venzone, maar nu koersen we rap door naar Litoměřice, een vrolijker oord. Het Mírové náměstí (Vredesplein) wordt omzoomd door panden van ver voor de oorlog, banaangeel en zuurstokroze, en met sprookjesachtige torentjes.
‘En nu?’ vraagt Jelle.
‘Nu? Hier op dit terras van Zum Schwarzen Adler, een huis uit 1564, waarin de koning van Bohemen ooit sliep, voor jou een čokoládová zmrzlina en voor mij een Labut.’
Ambachtelijk bier, in Litoměřice gebrouwen, maar dit terzijde.

Image
Elberadweg
Theresienstadt

(4) Litoměřice - Děčín/52 km

Kikkers & zwanen

Kilometer na kilometer wringt de Elbe zich noordwaarts, richting Německo (Duitsland). Passeerden we gisteren nog de Hora Říp, de 456 meter hoge berg waarop, aldus een legende, Čech, de oervader der Tsjechen, in een ver verleden riep: ‘Hier blijven wij!’, vandaag trappen we langs de heuvel die is gekroond met Schreckenstein. De  14de-eeuwse burcht waarin, zo wordt beweerd, Richard Wagner moederziel alleen in de ridderzaal in 1842 zijn opera Tannhäuser componeerde. ‘Dich, teure Halle, grüß ich wieder!’
‘Ja ho maar pa.’
Weer fietsen we verder. Naar Ústí nad Laben, een echte stad met oostblokkerige bouwsels, trolleybussen, opwaaiende zomerjurken en een McDonald’s. En waar al sinds 1249 Zlatopramen wordt gebrouwen, maar dit terzijde, want we zijn nog niet klaar voor vandaag. Fluitend trappen we nog 25 kilometer, langs de fonkelende Elbe, bezige bevers, wilde zwanen  en 1001 kwakende kikkers spottend, waarna Děčín (Tetschen-Bodenbach) opduikt. De laagstgelegen stad van Tsjechië, op beide oevers van de rivier. Hier wonen al mensen sinds de bronstijd, ons hotel ligt echter aan een iets minder oud plein,  met om de hoek een Vietnamská a Thaiská Restaurace. Na de Pad Thai vraagt Jelle: ‘En nu, voor mij een pistáciová zmrzlina en voor jou een Krušovice?’ (Sinds 1581 in Tsjechië gebrouwen.)
Waarop ik, ontroerd door het begripvol nageslacht, bevestigend knik.
‘En daarna wisselen we dan onze laatste kronen in voor euro’s.’

Image
Elberadweg
Een koude Krušovice in Děčín

(5) Děčín -Pirna/46 km

Bizar & grillig

Vanuit het nationale park České Švýcarsko (Tsjechisch Zwitserland) trappen we de grens over om hierna in het  Nationalpark Sächsische Schweiz (Saksisch Zwitserland) te belanden. Waar we, na de giga-vesting Königstein en het pontje over de Elbe bij Kurort Rathen, onze fietsen stallen voor een wandeling.
‘Op naar de Basteibrücke!’, roep ik.
‘De Bastei-wat?’
Bergop struinend, tussen enorme beuken, berken en bizar gevormd gesteente, vertel ik: ‘In het begin van de 19de eeuw, de tijd van de Romantiek, zochten kunstenaars naar de schoonheid der natuur. En die vonden ze hier, in het grillige Elbezandsteengebergte. Schilders, schrijvers en dichters zwierven door de kloven, beklommen de toppen en liepen over dit pad. Na 1850 werd het zelfs druk, toen ook boten en treinen stomend tot hier konden komen, vanuit Dresden. En dé topattractie, dat was de Basteibrücke. Tussen hoge rotsen, enkel voor wandelaars, 76 meter lang.’
Vanaf de brug staren we even later over de Elbe. ‘Und jetzt?’ vraagt zoonlief, die op school al bijna een jaar Duits heeft gehad.
‘Naar Pirna!’
Een stadje mudvol monumenten, dat piekte in de late Middeleeuwen. Maar ook in de 18de eeuw ging het deze stad voor de wind. Pirna leverde stenen uit het Elbezandsteengebergte voor de Frauenkirche van Dresden, de Rijksdag in Berlijn, het Slot van Kopenhagen enzovoort. En nu? Tip 1: Bezoek het DDR-museum, tjokvol meuk & curiosa uit de sixties (‘Jouw tijd pa!’). Tip 2: Stap in Canaletto’s Marktplatz von Pirna door enkel over dit markante plein te kuieren. Tip 3: Bestel in Café Canaletto, waar reproducties van zijn werk de muur sieren, een glas Radeberger. Sinds 1872 in Saksen gebrouwen, maar dit terzijde. En oh ja, vlakbij waar wij nu gaan slapen, sliep ook Napoleon ooit.
‘Je vergeet Tip 4 pa:  Eiscafé Alfredo.’

Image
Elberadweg
Basteibrucke

(6) Pirna-Dresden/28 km

Apfelstrudel & vanille-ijs

Door het Elbedal, voormalig werelderfgoed, trappen we onze laatste kilometers naar Dresden. Het Florence aan de Elbe. Hoofdstad van Saksen. Platgebombardeerd in 1945 en inmiddels herrezen.
De Elberadweg snijdt door groene uiterwaarden, duikt daarop onder het Blauwes Wunder - een gietijzeren brug uit 1893 - door, en dan verschijnt het silhouet van de nieuwe oude stad. Minpuntje: het regent vandaag. Pijpenstelen en bakstenen. We spetteren eerst per fiets langs het Zwinger-paleis, de Frauenkirche en de Fürstenzug (de Optocht der Vorsten, een 25.000 porseleinen  tegeltjes tellend tableau in de Augustusstrasse). En na een heiße Dusche in het hotel doen we alles te voet nog eens dunnetjes over. We beklimmen de top van de kerk, voor een 360 graden panorama over stad en omgeving, vergapen ons aan het Grünes Gewölbe, de schatkamer van Saksen, en luisteren zowel naar Dvořáks From The New World, machtig dreunend in de Semper-opera, als naar een straatmuzikant met stembanden van schuurpapier die - ik lieg dit niet - Papa van Stef Bos in het Duits krast.
‘Und jetzt,’ lacht Jelle, terwijl de hemel weer blauw kleurt, für mich een Apfelstrudel met vanille-ijs en für Papa een Feldschlössen.’ Sinds 1838 in Dresden gebrouwen, maar dit terzijde.

Image
Elberadweg

Zwaarte/ beste tijd

Wie in Nederland 60 kilometer per dag kan fietsen, kan dat ook langs de Moldau en de Elbe. Tussen Praag en Dresden zijn er slechts enkele korte hellinkjes, de rest van de route is vrijwel vlak. Plus: een treinstation is nooit ver weg. Beste tijd: mei, juni en september.

Hotels/ treinreis

Voor deze fietstocht boekten wij bij SNP de reis Elberadweg-etappe 2, waarbij door SNP o.m. alle hotels (met ontbijt), het transport van bagage en een uitgebreide routebeschrijving worden verzorgd. Ook de (hybride) fietsen en de treinreis naar Praag en van Dresden lieten we door SNP regelen.