Wandelen in Frankrijk: de mooiste gebieden (midden)

Frankrijks midden is groot! Van de kust tot de Alpen, van de Rhône tot de Seine. Beroemde streken als Bretagne en Normandië, de Bourgogne of de Auvergne vind je er. Op Pad helpt met een selectie van de mooiste wandelgebieden. En geeft tips voor tochten!

NORMANDIË

Kalkstenen heuvels, waar de Seine doorheen slingert om uit te monden bij Le Havre in Het Kanaal. Steile witte kliffen die vallen in de smaragdkleurige zee. Een mooi bocage (bosjes) landschap in het achterland. Verder zuidwaarts bij Alençon gaan de kalkheuvels over in zachtronde granieten heuvels, die ten zuiden van Caen hoger en steiler worden en La Suisse Normande heten, een populaire wandelstreek met rotsbulten om op te klimmen. Normandië heeft een lange en gevarieerde kust met brede stranden, moeraslanden en ruige kliffen.

Lees ook:

BRETAGNE

Echt ruig wordt het langs de kust van deze meest westelijke uithoek van Frankrijk. Bretagne is een granieten hoogvlakte die uitsteekt in zee en waar talrijke rivieren diepe dalen hebben ingesneden. Waar ze uitmonden in zee zijn diepe estuaria ontstaan, beschutte inhammen met kleine vissershavens. Aan de kust van Bretagne komen de grootste getijdenverschillen van Europa voor. Bekend zijn de grillige rode rotsen van de Côte de Granit Rose. Volg slingerende kustpaden langs diepe rivierarmen en baaien met gele zandstranden, prachtige haventjes en bovenlangs hoge met heide en dennen begroeide kliffen.

Lees ook:

DE JURA

Het landschap van de Haut Jura is een mozaïek van bergweiden en mooie oude wouden. Het middelgebergte bestaat uit een opeenvolging van lange kalkstenen bergruggen en parallel daaraan, brede dalen, vaak met ondiepe meren. De bergweiden worden bevolkt door bruin-witte koeien die de melk leveren voor de heerlijke Comté kaas. De weiden gaan vaak in een parkachtig landschap over in uitgestrekte gemengde beuken- en sparrenbossen. De bomen zijn behangen met korstmossen die in de schone Jura-lucht goed gedijen. De hoogste kam van de Jura geeft uitzicht op het Meer van Genève in de diepte en de besneeuwde Alpen daarachter. Hoogste top is de Crêt de la Neige (1.720 m). De Jura is één van de natste streken van Frankrijk en in de winter een gebied met veel sneeuw.

Lees ook:

De BOURGOGNE

In het noorden van Bourgondië ligt de Morvan, een heuvelachtig wandelgebied dat voor 45% bebost is. Voor het overige is het landschap kleinschalig agrarisch. Kenmerkend zijn de door heggen begrensde weidepercelen met beken in de dalen. Dieren en planten houden blijkbaar ook van een beetje afwisseling: het barst er van de soorten. Alles bij elkaar bijzonder genoeg om te beschermen en in 1970 werd de status Parc Naturel Régional toegekend.

Lees ook:

Op de Tour du Morvan.
Op de Tour du Morvan. Foto: Ernst Kremers.

DE FRANSE ALPEN

Van noord naar zuid passeer je in de Franse Alpen alle denkbare berglandschappen en klimaten. Van de hoogste bergtoppen van Europa en de gletsjers in het noorden tot hoogvlaktes in het zuiden, van granieten berggroepen met talrijke bergmeren tot grillige kalkgebergtes met steile rotsrichels en afgronden. De zuidelijke Franse Alpen (van Grenoble tot aan de Middellandse Zee) worden gedomineerd door twee groepen, de Alpes Dauphiné en Alpes Maritime. Hier vind je de vier nationale parken Écrins, Vercors, Queyras en Mercator. De noordelijke Franse Alpen huisvesten Europa’s hoogste bergen en vormen aantrekkingskracht uit op bergwandelaars wereldwijd. Het meest noordelijke deel wordt gevormd door de regio Haute-Savoie. Hier ligt de onder buitensporters populaire Chamonix vallei, toegangspoort naar het Mont Blanc massief. In het zuiden ligt het departement Savoie met het nationale park Vanoise en zijn vele drieduizenders en gletsjers.

Lees ook:

Mont Blanc.
Mont Blanc. Foto: Robert Eckhardt.

DE AUVERGNE

Het département Auvergne maakt deel uit van het Centraal Massief. Je vindt er fraaie wandelbergen, verbonden door weelderig groene valleien. De hoogte van de pieken varieert van 1000 – 1900 meter. De valleien en heuvels zijn prima terrein voor beginners en families. Hogerop – in de Cantal en de Monts Dore – is het terrein geschikt voor gevorderden. Het Parc Naturel Régional des Volcans d’Auvergne is Frankrijks grootste regionale natuurpark. Het werd in 1977 opgericht en omvat de vier vulkaanmassieven van de Monts Dôme, de Monts Dore, de Monts du Cantal, de Cézallier en het granietplateau Artense. De hoogste top is de Puy de Sancy (1.885 m). Binnen het natuurpark vinden zeldzame planten en dieren (gems, moeflon, visotter en slechtvalk) een refugium. De belangrijkste vulkanische puys (puy is Frans voor top) liggen in het noorden van het park. De puys hebben een karakteristieke vorm: ze rijzen kegelvormig uit het landschap omhoog. Maar vaak ontbreekt de top, weggeblazen door een vroegere uitbarsting (ca. drie miljoen jaar geleden). In de kraters zijn meren ontstaan. Het 400.000 ha grote Parc strekt zich uit over de departementen Cantal en Puy de Dôme en is weer onderverdeeld in vier kleinere natuurgebieden, elk met eigen zeldzame flora en fauna.

Lees ook:

HET CENTRAAL MASSIEF

Een oud en verweerd gebergte in het centrale zuiden van Frankrijk. Vergeleken bij de Alpen stellen de hoogtes niet veel voor, maar toch heeft het Centraal Massief een bergachtig karakter. De belangrijkste karakteristieken zijn de kloven, zoals in de Ardèche en Cevennen aan de oostkant en de plateaus (hoogvlaktes) in het westen en zuiden. Deze Causses behoren tot de meest verlaten en kale ongerepte gebieden van Frankrijk. Kenmerkend voor het Centraal Massief zijn ook de vele bronnen van rivieren die er ontspringen. Westwaarts stromen de Dordogne en de Tarn, naar het noorden de Loire en oostwaarts de Ardèche, naar het zuiden de Hérault en Orb.

Lees ook:

Gerelateerd

Delen

Waardering
75056
Stem nu !
Bedankt!
Mislukt !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *