icon-mouse icon-mountain icon-facebook icon-instagram icon-pinterest icon-twitter icon-youtube icon-close icon-zoek icon-triangle-left icon-triangle-right icon-ebike icon-hond icon-gezin icon-zwaarte icon-gps icon-trein icon-comfort
Image
Huttentocht
Routes

De 10 mooiste huttentochten voor beginners

  • 20 april 2022
  • Door: Roel van den Eijnde

Zelf een meerdaagse huttentrektocht ondernemen is een lang gekoesterde wens voor velen. Maar wat is er mogelijk als je weinig of zelfs geen ervaring hebt in de bergen? Om je op weg te helpen, stelden we een gevarieerde Top-10 van ‘eenvoudige’ huttentochten samen die een opmaat kunnen vormen voor een rijke en lange ‘bergwandelcarrière’.

Bergwandelen voor beginners?

Eigenlijk is de term ‘Huttentochten voor beginners’ niet helemaal gelukkig gekozen. Want in de bergen kunnen omstandigheden zodanig veranderen dat geen enkel traject meer geschikt is voor beginners en zelfs gevorderde wandelaars in de problemen kunnen komen. Aan de andere kant: ooit moet het de eerste keer zijn en dat geldt ook voor een huttentocht!

Onze aanbeveling zou zijn om je eerste huttentocht te maken met een ervaren bergwandelaar of je aan te sluiten bij een reisorganisatie of een bergsportvereniging. Zowel SNP als de NKBV organiseren bergwandelreizen waar je onder leiding van een ervaren reisleider of instructeur je eerste schreden kunt zetten in de bergen. 

Voor de hierboven beschreven tochten zijn we uitgegaan van een aantal ‘basis-skills’. Je moet de conditie hebben om 4 tot 5 uur op een dag zonder problemen te wandelen. Belangrijk is dat de pijp dan niet volledig leeg is, want bij plotseling veranderende omstandigheden moet je ook in staat zijn om langer door te gaan. In Nederland moet je makkelijk wel 15 tot 20 kilometer kunnen wandelen. Heb je daar veel moeite mee, dan is een huttentocht geen goed idee. Zorg sowieso altijd voor een goede conditie.

Mensen met hoogtevrees hebben in de bergen weinig te zoeken, want vroeg of laat kom je op een traject waarbij diepe afgronden naast het pad liggen. Om uit te zoeken of je over smalle paadjes met afgronden durft te lopen, is het verstandig om eerst eens in Zuid-Limburg, België (Ardennen) of Duitsland (Eiffel) een tocht met rugzak te maken. Neem dan meteen je bergschoenen mee om ze in te lopen.

Meer info

Voorbereiden op een huttentocht

1. Huttentocht in de Schladminger Tauern

Alpen / Oostenrijk

In de ruige Schladminger Tauern (ten zuiden van de beroemde Dachsteingruppe) in de provincie Steiermark loopt een prachtige vierdaagse huttentocht die zeer geschikt is voor beginnende bergsporters. Deze ‘instaptocht’ heeft de ronkende naam Obertaler Berggenuss meegekregen.

Hoogtepunten van dit ‘berggenot’ zijn de prachtig gelegen Landauersee, Giglachseen en Duisitzkarsee. Sowieso is water een thema in de Schladminger Tauern, want naast meren vind je er ook talloze bergbeken waarlangs het perfect pauzeren is. In deze tocht zit één spannend stuk dat minder geschikt is voor wandelaars met hoogtevrees. Het eerste deel van de afdaling van de Duisitzkarsee (één van de meest gefotografeerde bergmeren in de regio Schladming-Dachstein) is steil, hoewel een vaste, 40 meter lange staalkabel je door deze lastige passage heen loodst. Mocht je hier tegenop zien, dan is het beter om de route in de andere richting te lopen zodat je dit stuk omhoog loopt ipv naar beneden.

De huttentocht is niet alleen ideaal voor beginners, maar ook voor families met kinderen in de leeftijd van 8 tot 14 jaar. In totaal leg je ‘maar’ 23 km af en daar mag je vier dagen over doen. Een prima gelegenheid om rustig aan het bergleven te snuffelen en te ervaren hoe het is om op een echte berghut te slapen. Beginpunt vormt Hopffriesen, twintig minuten wandelen vanaf de parkeerplaats Wehrhofalm in het Obertal. Hier vind je ook het Nickelmuseum Hopfriesen; een museum in een oude smeltoven met het metaal nikkel als centraal thema.

Eindpunt van je vierdaagse tocht is Eschachalm waar koffie en gebak wacht. Vanaf hier kun je wandelend of per Bergbus terugkeren naar je startpunt.

Image
Huttentocht Schladminger Tauern

2. Huttentocht rondom het Kleinwalsertal

Alpen / Oostenrijk & Duitsland

In het Kleinwalsertal kun je een uitdagende huttentocht maken van zeven dagen die geschikt is voor beginners. Het Kleinwalsertal is een bijzonder dal dat alleen vanuit Duitsland (gemotoriseerd) te bereiken is; het wordt door de Groβer Widderstein (2533 m) gescheiden van de rest van Vorarlberg.

De ronde gaat uit van zeven dagen, inclusief een rustdag. Natuurlijk kun je deze rustdag ook benutten voor een beklimming van bijvoorbeeld de Geiβhorn of Hammerspitze, maar daarvoor is wel meer ervaring nodig.  Zonder rustdag is de tocht in zes dagen te lopen. Zeker de eerste drie dagen tussen Hirschegg en Baad zijn voor beginnende wandelaars goed te doen. Het tweede deel van Baad terug naar Hirschegg via de Widdersteinhütte, Mindelheimerhütte en Fiderepasshütte is ietsje zwaarder, maar eveneens geschikt voor beginners. Het is een mooi, nog niet overlopen gebied met serieuze bergen, maar tegelijkertijd toch ook ‘lieflijk’ en groen. Het dal ligt in de Allgäuer Alpen, net ten zuiden van het Duitse Oberstdorf.

De eerste dagen wandel je vanuit het dorpje Hirschegg over groene almen en bergruggen. Dan trek je om de imposante Groβer Widderstein heen en wordt het terrein wat ruiger. Je steekt de grens over en overnacht in twee Duitse hutten. Een relatief gemakkelijke huttentocht met vooral korte dagtrajecten. Naast de genoemde hutten overnacht je in de Schwarzwassserhütte en het Neuhornbachhaus.

Dit is geen bestaande huttentrektocht. Wie zoekt op internet vindt niet meer informatie, je moet de tocht zelf uitstippelen en de berghutten stuk voor stuk reserveren. Vind je dit te ingewikkeld of teveel gedoe, dan kun je de reis ook via de NKBV boeken. Het is wel een speciale reis: naast wandelen wordt er ook uitgebreid de tijd genomen om samen te zingen. 

Image
Allgäuer Alpen huttentocht
Fotograaf: Joos de Bakker

3. Huttentocht Vier-Quellen-Weg

Alpen / Zwitserland

Misschien is de Vier-Quellen Weg geen tocht voor absolute beginners, maar hij is zeker goed te doen voor sportieve wandelaars, al dan niet met kinderen. Een goede basisconditie is noodzakelijk, want de dagetappes van deze vijfdaagse tocht van 85 km zijn aan de lange kant (met uitschieters naar 7 uur). Omdat de route zo goed gemarkeerd is en de paden uitstekend zijn onderhouden, kun je onderweg rustig je tijd nemen en vooral genieten van de imposante bergwereld om je heen. De eerste dag is eventueel nog in te korten zodat je begint met twee ‘makkelijke’ dagen. Iedere dag maak je 600-700 hoogtemeters, alleen de laatste dag schiet over de 1000 meter heen. Slechts enkele korte passages op de 3e en 5e dag zijn lastig te noemen (met T3-passages: zie kader).

De ‘49’, zoals de route genummerd is, voert je in vijf dagen door de kantons Uri, Graubünden, Ticino en Wallis. En langs de bronnen van vier indrukwekkende rivieren: de Hinterrhein, Gotthardreuss, Ticino en Rhône. De route begint op de Oberalppass en eindigt bij de Rhônegletsjer. Onderweg staan bijzondere overnachtingen op de Gotthardpas (Hospiz San Gottardo) en in Hotel Belvédère boven de Rhônegletsjer op het programma. Omdat alle genoemde overnachtingsplekken (soms met enige moeite) over de weg zijn te bereiken, kunnen de etappes ook als dagwandeling worden gelopen.

De sfeer van de route verandert bijna dagelijks, want je loopt door vier taalgebieden met hun eigen tradities, gebruiken en keuken. Polenta met draadjesvlees in Ticino, Bündner Gerstensuppe in Graubünden en Walliser Käseschnitte in Wallis. Zeer afwisselende en bovendien leerzame tocht!

Image
Vier Quellen Weg huttentocht

4. Via Bregaglia/ Bergell

Alpen / Zwitserland & Italië

De Via Bregaglia loopt door het vrij onbekende Bergell dat de Zwitserse Malojapas met het Italiaanse Chiavenna verbindt. De tocht kenmerkt zich door een uitbundige bergnatuur, cultuur (museums in Stampa en Vicosoprano) en heerlijke dorpen. Een pure huttentocht is het niet, want onderweg overnacht je in B&B's of hotels. Bij de VVV’s ter plekke is een heel handig foldertje verkrijgbaar waarin alle informatie is te vinden; je moet dan zelf nog wel een goede kaart kopen. 

De 34 km lange Via Bregaglia loopt door, volgens sommigen, de mooiste vallei van de Alpen: Bergell of Valle Bregaglia op z’n Italiaans. De route heeft een prettige afwisseling tussen lekkere wandelpaden door de natuur, met uitzicht op o.a. de Piz Badile, de Cengalo en nog meer giganten van Bergell, en door de nog zeer oorspronkelijk gebleven dorpen. Bovendien eindig je in Chiavenna, een heerlijk Italiaans stadje met prachtige winkels, veel bars en restaurantjes. Een prima plek om een dag extra te blijven! En dan zijn er natuurlijk de beroemde kastanjebossen van de Bergell. De kastanjes worden nog ieder jaar geoogst en in mooie stenen schuren bewaard; een verrijking van het landschap.

Het aantal wandeluren per dag is lastig aan te geven, want je kunt onderweg regelmatig de bus nemen die frequent rijdt. Officieel staat voor de driedaagse tocht 11 uur, maar beter is het om de etappes naar eigen smaak en gevoel in te delen. In vogelvlucht: de Via Bregaglia begint in Maloja (1815 m), daarna overnacht je nog in Vocosoprano en Soglio. De tocht eindigt zoals gezegd in Chiavenna (333 m). Je daalt vooral af; ruim 2000 meter tegen 580 hoogtemeters.

Tip: De dagwandeling Via Panoramica loopt door datzelfde dal, maar dan wat hogerop. De route is iets moeilijker, maar nog altijd hoogstens T3 en dat zou voor elke conditioneel goede bergwandelaar te doen moeten zijn. Het meeste van deze route is T2. Een combinatie met de Via Bregalia is overigens mogelijk; er lopen verbindingspaden tussen beide routes

Image
Via Bregaglia huttentocht

5. Tour du Mont Blanc

Alpen / Frankrijk, Italië & Zwitserland

De Tour du Mont Blanc, kortweg TMB, klinkt heel imposant (en dat is hij ook!), maar de tocht is gelukkig niet alleen geschikt voor ervaren bergwandelaars. Althans, als je kiest voorde klassieke tocht en de varianten links laat liggen. Tegelijkertijd is het ook geen route voor absolute beginners, een goede conditie is een vereiste!

Het ruime aanbod aan overnachtingsplekken geeft je de vrijheid om dagetappes in te korten waardoor je de tocht aan kunt passen aan je eigen mogelijkheden. Een goede voorbereiding is essentieel. Er zijn uitstekende (ook Nederlandstalige!) gidsen verkrijgbaar waarin heel duidelijk is terug te vinden wat je onderweg kunt verwachten. Stel een zodanig schema op dat dagetappes niet te lang worden en bekijk vooraf ook waar eventueel afbreekmogelijkheden zijn. Bouw rustdagen in. Het reserveren van hutten moet héél lang van tevoren, want de TMB is populair! Of boek bij een reisorganisatie, dan wordt veel zorg uit handen genomen.

De meeste wandelaars doen acht tot elf dagen over deze klassieke en beroemde (dé beroemdste!) meerdaagse route. Per dag loop je tussen de 4 en 8 uur. Het hoogste punt op de klassieke Tour du Mont Blanc is de Col de la Croix du Bonhomme (2.433 meter). Chamonix en Courmayeur zijn alpiene stadjes en met vele winkels, restaurants en barretjes prima plekken om een rustdag in door te brengen.

Wat bij de TMB belangrijk is: ga niet te vroeg in het jaar, want als er nog sneeuw ligt, kunnen sneeuwbruggen over beken en riviertjes zeer gevaarlijk zijn. Ook al staat er een voetspoor door de sneeuw over een beek of rivier, dan betekent dat niet dat het veilig is. Dus, voor de TMB geldt: pas vanaf ca. 10 juli als je zeker wilt zijn dat het veilig is. Zeker voor beginners is dat belangrijke informatie!

Image
Tour du Mont Blanc huttentocht

6. Karwendel

Alpen / Oostenrijk

Het Karwendelgebergte is een geweldig gebied voor het maken van hele diverse huttentochten; lange en zware, maar óók korte en ‘eenvoudige’. Net als het Rätikon in het westen van Oostenrijk is het een gebergte waar veel bergsporters hun eerste schreden zetten. Kennismaken met de Alpen, het huttenleven en vooral genieten van het bergwandelen.

De hutten in het Karwendel vind je relatief dicht bij elkaar, ze liggen niet te hoog en de hoofdpaden zijn over het algemeen prettig en breed. Maar tegelijkertijd loop je door een zeer indrukwekkend, besloten gebergte met steile wanden, ruige dalen en schitterend gesitueerde hutten!

Een prachtige beginnerstocht begint in Scharnitz aan de westkant van het Karwendel. De eerste dag loop je naar het Karwendelhaus (ca. 4,5 uur). De dag erna naar de Falkenhütte (ca. 3,5 uur) en de laatste dag naar Pertisau (ca. 4 uur) om vanaf daar een bus en vervolgens trein (via Innsbruck) terug te nemen naar Scharnitz of Seefeld. De route die je volgt, gaat eerst door het heerlijke Wendeltal, pal langs de Karwendelbach. In het begin wandel je over je brede paden, later volg je ook echte bergpaadjes en wachten spannende beklimmingen en gezellige hutten waar degelijke, Oostenrijkse berghuttenkost als Kaiserschmarrn, Germknödel en Schweinsbraten wordt geserveerd. Eventueel kun je een extra overnachting plannen in het almdorp Eng en daar een rustdag inbouwen (zwemmen in de Enger Bach of een bezoek aan een kaasmakerij). Het eindpunt Pertisau is behoorlijk toeristisch, maar er is niks mis met nog een extra dagje lekker niks doen. Maak een tochtje per stoomschip over de Achensee! Overigens voert een deel van de route over de beroemde Adlerweg (320 km, 24 etappes).

Een schitterend alternatief is een vijfdaagse tocht, ook vanaf Scharnitz. Je slaapt dan ook in de Lamsenjochhütte en Binsalm.

Image
Karwendel huttentocht

7. Mare e Monti Sud

Corsica / Frankrijk

Als je gîtes d'étape schaart onder de berghutten, is deze tocht zeker geschikt voor beginnende bergwandelaars. De Mare e Monti Sud heeft een totale lengte van ca. 66 km en wordt meestal ingedeeld in vijf etappes. Daarbij loop je dagelijks 4,5 tot 6 uur. Alternatieven onderweg om de tocht korter te maken zijn er niet. Je moet ook best wat hoogtemeters maken, dagelijks gemiddeld 400 tot 700 m, met een uitschieter naar 900 meter. De klimpartijen zijn soms redelijk lang, maar het wordt nooit echt alpien, d.w.z. geen geklauter en geen stukken met diepe ravijnen. De paden kunnen wel redelijk steil zijn, vaak uitgesleten door de erosie en vrij stenig, maar het zijn dus wel altijd ‘paden’ (in tegenstelling tot de zware GR 20 over het eiland). Hoogtepunt: de Baie de Cupabia, met een wandeling over eenzaam en wild strand. Mét uitzicht op bergen!

De zomermaanden zijn eigenlijk taboe: véél te heet. Het pad loopt tussen de 0 m en 900 m hoogte en dat betekent dat grote stukken door het maquis leiden, waar je niet al te veel schaduw hebt. Overnachten doe je in dorpen, kleine bergdorpjes of badplaatsjes (bijv. Porto Pollo). Je slaapt meestal in hotels, soms eenvoudiger in een gîte d'étape. Leukste overnachtingsplek: het bergdorp Coti-Chiavari (Hotel Le Belvédère met een schitterend uitzicht op de baai van Ajaccio).

Geen huttentocht dus misschien, maar wél een geweldige kennismaking met het bergwandelen!

Image
Mare e Monti Sud bergwandelen

8. Aigües Tortes

Pyreneeën / Spanje

Het is een stevige opdracht om in de Pyreneeën een ‘makkelijke’ huttentocht uit te zetten. Hutten zijn vrij schaars (zeker in vergelijking met de Alpen!), liggen vaak relatief ver uit elkaar en het is niet altijd eenvoudig om vanuit het dal de bergen in te komen. Ook vervoer terug naar een beginpunt is minder makkelijk dan bijvoorbeeld in Oostenrijk. 

Het Parc Nacional d’Aigüestortes aan de Spaanse kant van de Pyreneeën vormt daarop geen uitzondering. Door het schitterende park (wel druk in de zomer!) loopt de GR11, de Spaanse tegenhanger van de Franse GR10, maar ook de Carros de Foc, een tocht van 55 km die je in 5 tot 7 dagen kunt doen. Helaas moet je behoorlijk wat hoogteverschillen overwinnen wat de tocht ongeschikt maakt voor beginners.

Twee- of driedaagse tochten zijn echter wel mogelijk en dan komen de grandioos gelegen hutten Refugio Josep Maria Blanc (2318 m) en Refugio Sant Maurici (1853 m) in beeld. Je loopt dan vanaf het hooggelegen bergdorp Espot (campings!) aan de oostkant van het park wel heen en terug over dezelfde route. Maar er zijn (korte) alternatieven mogelijk zodat de terugtocht toch ook weer net iets anders is. Vanaf de Refugio Sant Maurici kun je ook nog een dag verder lopen naar de Refugio d’Amitges (2367m). Reserveren in de zomermaanden sterk aanbevolen!
Het wondermooie Vall de Boí aan de westkant van de Aigües Tortes is ook een schitterende startplek voor meerdaagse huttentochten. Deze tochten zijn meer geschikt voor gevorderde wandelaars, maar dagtochten of een lichte tweedaagse huttentocht (bijvoorbeeld naar de Refugio Ventosa i Calvell) zijn wederom prima mogelijk.

Image
Aigües Tortes huttentocht

9. Tannheimer Berge

Alpen / Duitsland & Oostenrijk

Hét gebied voor het maken van een huttentocht in het grensgebied van Oostenrijk en Duitsland is Allgaü, naamgever aan de Allgaüer Alpen. Deze driedaagse huttentocht in de Tannheimer Berge, onderdeel van de Allgaüer Alpen, is 27 km lang en overbrugt 1821 hoogtemeters. Absoluut hoogtepunt: een machtige blik op het beroemde ‘sprookjeskasteel’ Schloss Neuschwanstein. Overnacht wordt er in twee Oostenrijkse hutten: de Bad Kissinger Hütte en de Musauer Alm. Begin- en eindpunt is Talstation Bergbahn Füssener Jöchle. Vanaf hier wandel je over brede, onverharde bergwegen en -paden naar de Bad Kissinger Hütte op 1.788 meter, op een steenworp van de Duitse grens. Als je hier met een pint bier en Brettljause bent bijgekomen, kun je optioneel de Aggenstein (1.985 m) nog beklimmen. Een uurtje vanaf de hut en 200 hoogtemeters extra. Misschien wel je eerste top!

De volgende dag loop je via de onbewoonde Sebenalpe (1.646 m), over de Gräner Höhenweg naar de Musauer Alm met een mogelijkheid de Gamskopf (1.890 m), Kleiner Schlicke (1.817 m) en Großer Schlicke (2.059 m) te beklimmen. De Musauer Alm ligt in het Reintal, halverwege de indrukwekkende noordwand van de Gehrenspitze. De laatste dag klim je over het Sabajoch (1.860 m) om boven te genieten van een geweldig uitzicht op het massief van de Köllenspitze (2.238 m) en Tannheimer Tal. Afdalen doe je tenslotte naar Nesselwängle via de Tannheimer Hütte (1.713 m) en het Gimpel Haus (1.659 m). Vanaf Nesselwängle is het nog een uur lopen naar het Talstation Bergbahn Füssener Jöchle. Of je neemt de Bergbus voor het laatste deel. Drie dagen, een volwaardige huttentocht!

Image
Tannheimer Berge huttentocht

10. Dolorama-weg

Alpen (Dolomieten) / Italië

De Dolorama-weg (een samenvoeging van Dolomieten en Panorama) is één van die meerdaagse huttentochten in de Dolomieten die ook geschikt is voor beginners en gezinnen. In vier etappes voert deze huttentocht je via zacht glooiende, sappige almweides en door een indrukwekkend, ruig berglandschap van de Rodenecker en Lüsner Alm tot aan Laion. De route is 60 kilometer lang en in totaal maak je in die vier dagen 2365 hoogtemeters.

Slechts één keer op de hele route steek je een asfaltweg over; voor de rest is de bewoonde wereld ver weg. Naast de grandioze bergwanden van de Dolomieten met uitzichten op de Sass de Putia, het Odlemassief, het Schlernmassief en de Sassolungo en Sassopiatto is er onderweg nog meer te zien. Je wandelt langs de prehistorische nederzetting Astmoos op de Lüsner Alm en de wonderbaarlijke rotsformaties op het Würzjoch.

De eerste dag is meteen aan de lange kant, maar kan in tweeën worden gedeeld door een extra overnachting te boeken op de Kreuzwiesenhütte. Daarmee wordt de tocht een dag langer, maar voor beginners aantrekkelijker. De laatste dag kun je er nog voor kiezen om de bergtrein naar Ortisei in de Val Gardena te nemen. Of gewoon toch te voet te gaan (ca 2 uur).

De hutten op de route liggen allemaal op 2000 meter of hoger. Op de Dolorama-weg beleef je het écht Italiaanse huttenleven met overvloedig en lekker eten, heerlijke koffie en een grappa na de maaltijd. Vaak is er een lunchpakket te regelen.

Image
Dolorama-weg huttentocht
Image
Huttentocht maken
Info

Moeilijkheidsgraad

Technisch ingewikkeld?

De beschreven tochten zijn technisch niet ingewikkeld. Op hele lastige passages is het mogelijk dat er soms een staalkabel of klimtouw hangt om je verder te helpen. Dat is onvermijdelijk. Voor een huttentocht geldt dat niet alleen de kilometers tellen, maar ook het aantal meters dat je moet stijgen en dalen. Veel klimmen en veel dalen maakt een tocht meteen een stuk lastiger. Voor bovenstaande tochten zijn we uitgegaan van 500-700 hoogtemeters per dag. Let op: hoogtemeters zijn dus de stijgende meters!

Voor wat betreft de technische moeilijkheden kennen bovenstaande tochten geen gletsjeroversteken en heb je nooit extra alpiene hulpmiddelen zoals een pickel, stijgijzers, touw, gordels etc. nodig. Je loopt altijd over goede ‘wandelpaden’ en dus niet over (al dan niet gemarkeerde) alpiene wandelroutes. In Zwitserland zijn deze blauw-wit gemarkeerd, in Oostenrijk gebruikt met het woord ‘Alpin’. 

T1 - T6 waardering

In Zwitserland gebruikt men een moeilijkheidsgraad om bergwandelpaden te waarderen. Zo’n systeem kan veel houvast bieden voor het plannen van een tocht. De waardering gaat van T1 (wandelen) tot T6 (moeilijke alpiene tochten). De moeilijkste passage tijdens een tocht bepaalt de moeilijkheidsgraad!

Voor de hierboven beschreven tochten zijn we uitgegaan van de moeilijkheidswaardering T2 met soms een uitschieter naar T3. Dat betekent dat er soms een kabel of klimtouw kan hangen om je door een moeilijke passage heen te helpen. Voor sommige onervaren wandelaars kan T3 al lastig zijn.

Het is belangrijk om je vooraf goed in te lezen waar de moeilijkheden onderweg uit bestaan. Helaas zijn veel routebeschrijvingen nogal vaag met termen als 'pittig' en 'zwaar'. En dan weet je eigenlijk nog helemaal niets. Want pittig en zwaar interpreteert iedereen nu eenmaal anders.

Veel meer informatie hierover vind je in dit artikel over de moeilijkheidswaardering van bergwandelpaden.

Het weer

Het blijft lastig te beoordelen of een huttentocht geschikt is voor beginners. In de bergen moet je altijd rekening houden met omstandigheden die zeer snel kunnen veranderen. Van het ene op het andere moment kan het gaan sneeuwen, waaien, regenen, koud worden etc. Vooral ook mist kan een groot probleem vormen voor bergsporters. Met bovengenoemde weersinvloeden, kan een ‘eenvoudige’ wandeling in een serieuze alpiene onderneming veranderen. Zorg daarom dat je uitrusting altijd berekend is op zware en koude weersomstandigheden (dus ook in de zomer: muts, handschoenen en warme kleding mee in de rugzak!). En neem het weerbericht en de waarschuwingen van huttenwaarden altijd serieus!

Voorbereiding

Bergwandelen met de NKBV

De NKBV is er om jou alles uit je volgende bergwandelvakantie te halen. Als lid maak je gebruik van de vele voordelen zoals korting op je overnachting in berghutten en de unieke reisverzekering. Via het lidmaatschap draag je meteen bij aan het onderhoud van de hutten en paden in de Alpen!

Image
Bergwandelen met de NKBV