Lake District in het spoor van Jolanda Linschooten

Er zijn berggebieden waar je nooit genoeg van krijgt. Voor Jolanda Linschooten (auteur van de gids ‘bergtochten in Schotland, Wales & Engeland) hoort het Lake District in elk geval tot die categorie. In 2011 maakte ze speciaal voor Op Pad deze reportage over drie dagtochten en meerdaagse trekking door het Lake District.

De feiten in het kort

Gemaakte tochten: 3 dagtochten en 1 meerdaagse trekking van 4 tot 5 dagen.
Zwaarte: Dagelijks behoorlijk veel hoogtemeters (tussen 700 en 1.000).
Moeilijkheidsgraad: Matig moeilijk over goede paden, soms stenig; maar soms ook moeilijk: dan is klauteren vereist.
Navigeren: Eenvoudig tot matig moeilijk vanwege soms onduidelijk padverloop, wel vrij herkenbaar terrein. Weinig markeringen, dus goede navigatiekennis vereist.
Korte impressie van het gebied: Het Lake District National Park is een gevarieerd berggebied met meren, steile rotsen en prachtige vergezichten; klein en overzichtelijk maar serieus vanwege ruigte en steilheid.
Beste tijd: Juli en augustus zijn het drukst. Mei en juni (maar ook september) zijn rustiger.
Ernaartoe: Met veerboot (en eigen auto) via Newcastle. Vanaf Newcastle is het nog geen 2 uur rijden naar het Lake District. Of vliegen naar Manchester Airport en per trein naar Kendal of Windermere.
Overnachten: Jeugdhergen, B&B’s, campings of hotels. Wildkamperen is niet toegestaan.

Ashness Bridge in Borrowdale.

Jolanda’s reportage:

Er zijn berggebieden waar je nooit genoeg van krijgt. En juist het feit dat je de paadjes herkent, dat de toppen je vertrouwd voorkomen, geeft er een extra dimensie aan. Hoewel prettig bekend is het eigenlijk nooit hetzelfde, want net als het weer is ook je stemming altijd anders, waardoor je ervaring ook nooit gelijk is. Ik bedenk altijd wel een nieuwe reden waarom ik het Engelse Lake District bezoek. Een reportage voor een tijdschrift, een serie tochten als input voor mijn bergwandelgids, een vakantie (jawel, dat komt ook voor!) of een hele lange bergloop. En elke keer na aankomst, trap ik er weer in. Het Lake District ziet er van buitenaf namelijk zo lieflijk uit. Zo op en top Engels, dat ik van schrik concludeer dat alles veranderd is. Dat ik zo snel mogelijk door naar het ruige Schotland moet rijden. Maar één dag in de Lakeland fells wist elk spoortje twijfel uit. Heerlijk, ja, dit is helemaal goed. Ruigte alom. Al is het hier natuurlijk nooit zo stil als in het noorden. Want het Lake District staat bekend als het populairste berggebied van Engeland.

Terecht. Met zijn 317 toppen, hier fells genoemd, is dit een nationaal park vol superlatieven. Niet alleen Engelands hoogste berg ligt hier, maar ook de populairste, namelijk Helvellyn. Toegegeven, vergeleken met de Himalaya, de Alpen of zelfs de Schotse Hooglanden, is het Lake District wat hoogte betreft kinderspel. Maar dan ook werkelijk alleen wat hoogte betreft, want dit rauwe brok bergnatuur op nog geen 450 km van Londen, kan van het ene op het andere moment een onherbergzaam karakter krijgen.

Vandaag sta ik samen met Frank op de hoogste top van Engeland, Scafell Pike. Deze berg meet 977 meter en vormt de spil van het Lake District. Want als je op de kaart kijkt, waaieren vanaf dit bergmassief Lakelands beroemde bergmeren als de spaken van een wiel in alle richtingen uit. Niet moeilijk om me bij deze kille wind voor te stellen hoe dit landschap eeuw na eeuw geteisterd en geërodeerd is. Hoe het schurende landijs deze bergdalen uitholde tot hun huidige gedaante. En juist dat besef van oertijd is zo verfrissend. Want des te levendiger voel ik me daarboven met die wind in mijn haren.

Zicht op de Wasdale Valley met het massief van Scafell.

Snel werken we allebei een kop warme thee naar binnen. En nog een stuk Kendal Mintcake erachteraan want je kunt natuurlijk niet door de Lakes wandelen zonder dit suikergoedje met pepermuntsmaak bij je te hebben. Werkelijk overal in de dalen is het te koop. Al sinds 1869 wordt Kendal Mintcake gegeten. En niet door de minsten. Het hield Sir Edmund Hillary op de been toen hij op weg was naar de top van de Mount Everest in 1953. Een lid van zijn expeditie beweerde zelfs: ‘It was easily the most popular item on our high altitude ration – our only criticism was that we did not have enough of it.’ Sir Ernest Shackleton had het mee tijdens zijn Imperial Trans-Antarctic Expedition in 1914–1917. En het maakt deel uit van de survivalpakketten van het Ierse leger. Geen wonder, want je tanden trekken krom zo barstensvol calorieën zit het.

Lang stilzitten om te eten is hierboven op Scafell Pike trouwens geen pretje. Deze kale rotspieken staan in elk jaargetijde blootgesteld aan gure wind, striemende regen en sneeuw. Ik waan me hier op Scafell Pike eerder in Noorwegen dan in lieflijk Engeland. En zo zijn bergen, als je het mij vraagt, op hun best: puur, wild en ongenaakbaar op het eerste gezicht.

Van onze reispartner SNP Natuurreizen

Diep in onze capuchons weggedoken, verlaten we Scafell Pike. Behalve een steenman ter grootte van mijzelf, was er op de top niet veel te zien. Donkere wolkenflarden hangen ook op de terugweg om ons heen, totdat we bij Great End, inmiddels een flink stuk lager, ineens onder de wolken uit wandelen. Dan ligt het Lake District alsnog aan onze voeten. De massieve bonk Great Gable en zijn al even markante tweelingbroer Kirk Fell, torenen machtig uit boven de intens groene valleibodem van Wasdale Head met zijn langgerekte Wast Water.

Over het plateau bij Scafell Pike weer omlaag na het bereiken van de top.

Al die bergmeren zijn ook weer zo’n reden waarom het Lake District zo populair is. En zo gevarieerd. Hierboven lopen we temidden van watervallen en losse stenen. Maar niet ver onder ons strekt zich een sappige dalbodem uit met hoekige steenmuurtjes en witgekalkte boerderijen, zo pastoraal dat het een plaatjesboek van vroeger lijkt. We gooien de rugzak af, schenken onszelf een tweede mok thee uit de thermos in en eten de rest van onze lunch op terwijl we in stilte samen zitten. Het uitzicht is simpelweg te groot voor woorden. En te mooi om haast te hebben.

Zicht op Scafell’s massief en Wast Water.

Verderop graast een klein groepje grijswitte Herdwickschapen, ze zijn niet bang maar ook niet tam en gaan volledig hun eigen gang. Gedurende acht maanden zwerven ze halfwild door de fells. Die zien er niet voor niets zo open uit. Daar is meer dan honderd jaar hard aan gegraasd door deze taaie dieren die voorkomen dat het Lake District overgroeid raakt. Want dat is kenmerkend voor het Lake District: bovenin lijkt alles wild en ongerept, maar zodra we lager komen ontdek ik overal sporen van al degenen die ons voor waren. Van de eersten die hier de valleien ontbosten om zich erin te vestigen tot degenen die massaal met de nieuw aangelegde stoomtrein aankwamen om te ontdekken of die 18de-eeuwse dichters gelijk hadden. Zoals bijvoorbeeld Wordsworth. In 1821 schreef hij in zijn ‘Guide to the Lakes‘ dat een gebied als het Lake District een soort nationaal bezit zou moeten worden waarop ieder met oog en hart voor de natuur recht had. Zijn wens werd waarheid toen dit gebied in 1951 benoemd werd tot Engelands grootste nationale park.

En niet alleen het grootste, ook het populairste. Dat wordt duidelijk zodra we op de dalbodem terug in Wasdale Head zijn. Moe en nog steeds dorstig, begeven we ons naar wat wel als dé centrale trekpleister aangemerkt kan worden, namelijk de Wasdale Head Inn. Beslagen ramen en een zware deur die niet vanwege zijn scharnieren zo lastig opent maar omdat het erbinnen zo bomvol zit. Aan de bar bestellen we twee bier, een pot thee, twee porties steak ’n ale pie plus tweemaal sticky toffeepudding met custard. Want dat is ook zo uniek van die ‘lage’ Lakeland fells: een paar uur geleden nog waanden we ons aan de rand van de wereld. Ver van alles en iedereen verwijderd. Nu installeren we ons aan de hoek van een overvolle tafel waar we met de warmte van de open haard in onze rug, in afwachting zijn van die reusachtige bestelling.

Wasdale Valley met zijn karakteristieke steenmuurtjes.

Intussen dwalen mijn gedachten af naar de rest van onze week. We hebben nogal wat bergtochten gepland, maar de weersvoorspelling lijkt daar een dikke streep door te trekken. Voor morgen is zelfs een weeralarm afgegeven. Hevige regenval en stormachtige wind. De bergen ingaan wordt afgeraden. Geen haar op mijn hoofd die erover denkt het toch te proberen. Slecht weer is hier al snel  gevaarlijk, getuige de vele bergreddingen ieder jaar waarbij onderkoeling de belangrijkste oorzaak is. Koffie drinken in Keswick dan maar plus een rondje buitensportzaken. Afwachten betekent geduld kweken maar als de dagen weg tikken en de wegen rond de meren zelfs afgesloten raken door de zondvloed, begin ik alle zoete taartjes ten spijt, toch een hevige onrust te voelen. Onze meerdaagse tocht gaat niet meer lukken, ook al klaart het morgen op, dan hebben we nog slechts twee dagen over om een route van vier dagen te lopen. Vette pech.

Tenzij… boven de warme aplecrumble kijken we elkaar aan. Natuurlijk! Fellrunning biedt de oplossing! Rennend ga je zeker twee keer zo snel door de bergen. Waar anders dan in het Lake District bedenk je zoiets?! De Engelse Wikipedia meldt over het fenomeen fellrunning: “Fell running (…) is the sport of running and racing, off road, over upland country where the gradient climbed is a significant component of the difficulty. The name arises from the origins of the English sport on the fells of northern Britain, especially those in the Lake District.” Het Lake District is de bakermat van fellrunning. Neem de Bob Graham Round. In 1932 rende Bob Graham non-stop over de 42 hoogste toppen van het Lake District met daarbij een totale stijging (en daling) van 8.700 m en een totale afstand van 120 km. Op zich al ongelooflijk, maar als je bedenkt dat hij dit binnen 24 uur deed, krijgt zijn prestatie een haast mythische omvang. Wat Bob bezielde? Bob was jarig, net 42 geworden. Dat ging hij vieren. Niet met 42 kroegen maar met 42 bergtoppen. Zijn record is inmiddels verbroken, maar dat duurde wel 28 jaar…

Voor velen is fellrunning iets idioots, want het ziet er belachelijk zwaar uit en het zal ook wel gevaarlijk zijn zo zonder pad over stenen omlaag rennen, bovendien lijkt het zo zinloos om je dusdanig in te spannen. Natuurlijk: urenlang hardlopen over vaak ongebaand bergterrein ís inspannend, niet zonder risico en allemachtig zwaar. Maar óók verslavend enerverend, waanzinnig  mooi en ongehoord uitdagend. Fellrunning is topsport zonder publiek, is dansen over de bergen, is vrijheid van geest gemixt met superfitheid van lijf, is een urenlang samenspel tussen mens en berg. Geen strijd. De renner die de bergen ziet als te overwinnen objecten, gaat geen goede race lopen. Ermee in harmonie zijn is de sleutel. Pas dan kun je licht lopen. En na heel veel trainen uiteraard.

Fellrunning.

Fellrunning klinkt misschien wat vreemd, maar trailrunning is tegenwoordig ineens hot — al dan niet op blote voeten — en zo je die term hier al zou willen gebruiken (over de 42 toppen van het Lake District lopen weinig trails) dan was Bob Graham zijn tijd ver vooruit! Opvallend is dat de helden van het Britse fellrunning, zoals Bob Graham, Josh Naylor, Billy Bland en Eddie Campbell, allemaal stil en bescheiden types zijn. Voor hen geen voorpagina’s, geen praatprogramma’s en geen vette sponsors. Weinigen zelfs buiten het Lake District die hun naam kennen. Of je moet zelf al een beetje van ultralopen in de bergen houden. Dan begin je te bevatten van welk onvoorstelbaar niveau hun prestaties waren. Dan begin je te dromen over lidmaatschap van die exclusieve Bob Graham Club. Iedereen die wil, mag er namelijk lid van worden. Gratis is het ook. Er is slechts één voorwaarde: je moet die 42 toppen van het Lake District afleggen. Binnen 24 uur.

Dat spookt door mijn hoofd als ik onze meerdaagse afleg binnen de korte tijd die ons nog rest. Die Bob Graham Round, rennend of wandelend, wie weet? Reden genoeg om weer naar het Lake District terug te keren! Volgend jaar wellicht?


De steencirkel van Keswick

Uiterst bereikbaar en magisch, is de steencirkel van Keswick, even buiten het stadje zelf. Een weids heuvellandschap aan de rand van het Lake District met op de achtergrond de imposante Blencathra die duister en hoog oprijst boven de opgerichte stenen die samen een mysterieuze cirkel vormen. De ouderdom van dit soort megalitische monumenten kan slechts met afgeleide methodes bepaald worden: een archeoloog dateert niet het gesteente maar probeert de ouderdom te achterhalen van wat hij bij dat gesteente vindt. Je vraagt je af hoe het in hemelsnaam mogelijk geweest is die kolossen te verslepen, zonder hydraulische kranen en soortgelijk geweld. Het schijnt dat ze boomstammen als rollers gebruikt hebben en touwen die om de steen gebonden werden. Een systeem waarmee ze zelfs in het Archeon in Alphen aan de Rijn een twee ton zware steen zonder al te veel gedoe verplaatsen en ‘ze’ dat zijn dan zes kinderen en een vrouw. De steencirkel van Keswick is zo magisch dat we besloten er bij helder sterrenlicht terug te keren. Spookverschijningen heb ik niet gezien. Maar ook zonder dansende druïden blijft zo’n nacht voor altijd op je netvlies hangen!

De steencirkel van Keswick.

Uitgebreide praktische informatie bij de gemaakte tochten

Let op: deze informatie stamt uit 2011.

Gemaakte tochten: 3 dagtochten en 1 meerdaagse trekking van 4 tot 5 dagen.
Stijgen/dalen: tussen 700 en 1.000 hoogtemeters per dag.
Zwaarte/moeilijkheidsgraad: Dagelijks behoorlijk veel hoogtemeters. Matig moeilijk over goede paden, soms stenig; maar soms ook moeilijk: dan  is klauteren vereist. Zie voor details bij de tochtbeschrijvingen.
Navigeren: Eenvoudig tot matig moeilijk vanwege niet altijd duidelijk padverloop, wel vrij herkenbaar terrein. Markeringen zijn alleen beneden bij vertrek aanwezig, dus navigatiekennis is vereist.
Verhard/onverhard: Overwegend onverharde bergpaden.
Korte impressie van het gebied: Het Lake District National Park is een heerlijk gevarieerd berggebied met meren, steile rotsen en prachtige vergezichten; klein en overzichtelijk maar serieus vanwege ruigte en steilheid.
Beste tijd: Juli en augustus zijn het drukst. Mei en juni (maar ook september) zijn rustiger.
Ernaartoe: Met veerboot (en eigen auto) van IJmuiden naar Newcastle. Vanaf Newcastle is het nog geen 2 uur rijden naar het Lake District! Maar je kunt ook de goedkopere veerdienst Duinkerken-Dover nemen en dan 630 km rijden (naar Keswick). Of vliegen naar Manchester Airport en per trein naar Kendal of Windermere. OV in het Lake District: www.traveline.info, www.stagecoachbus.com/northwest of www.travelcumbria.co.uk.
Overnachten: Jeugdhergen, B&B’s, hotels. Wildkamperen is niet toegestaan.

Eten, drinken, inkopen doen:

Voor dagtocht Scafell Pike: In Wasdale Head is geen supermarkt, wel kun je bij de Barn Door Shop (naast Wasdale Head Inn, e-mail: info@barndoorshop.co.uk) wat snacks en buitensportmateriaal kopen. Het campingwinkeltje van de National Trust Camping is vrij goed voorzien van basale tochtproviand. Uiteraard kun je je buik voor en na de tocht ruimschoots vullen in de Wasdale Head Inn. Voorzieningen onderweg: geen.

Voor dagtocht Helvellyn: Dichtstbijzijnde plaats waar je vooraf inkopen kunt doen: Glenridding. Supermarkt, buitensportzaak, diverse eetgelegenheden en een toeristenkantoor met weerbericht, topografische kaarten. Voorzieningen onderweg: geen.

Voor dagtocht Langdale Pikes: Dichtstbijzijnde plaats waar je vooraf kunt inkopen: Chapel Stile (kleine supermarkt). De camping heeft ook een kleine winkel. Geen voorzieningen onderweg.

Voor meerdaagse Cumbrian Circuit: Dichtstbijzijnde plaats waar je vooraf inkopen kunt doen: in Rosthwaite zijn een kleine supermarkt, een postkantoor en diverse pubs. In Keswick zijn grote supermarkten en talloze buitensportzaken. Voorzieningen onderweg: op dag 1 bij de start in Rosthwaite zelf of in Stonethwaite zijn diverse inn’s. Uiteraard is ook in Grasmere de keus groot wat inn’s of cafés betreft, er is ook een Co-op en er zijn buitensportzaken. Ook in Elterwater is een Co-op. Bij het eindpunt op de Hardknott Road vind je The Woolpack Inn.

Uitrusting: Normale bergwandeluitrusting. Maar neem altijd kaarten, kompas en eventueel een gps(als backup) mee. Voor dagtochten ook altijd muts, handschoenen, regen- en winddichte kleding meenemen, hoe zonnig het ook lijkt bij vertrek.

De tocht van dag-tot-dag in globaal verloop

(Wie de tochtbeschrijvingen gedetailleerd wil lezen en gebruiken, voorzien van gps-locaties, hoogtes en terrein-informatie, wordt verwezen naar Jolanda’s bergwandelgids ‘Bergtochten in Schotland, Wales & Engeland’ waarin deze tochten (plus andere dagtochten, plus alternatieven voor de meerdaagse tocht) zijn opgenomen.

Dagtocht Scafell Pike

Gevarieerde rondtocht over Engeland’s hoogste top via een fraaie maar veel minder drukbelopen route.

Lengte: 6,5 uur (14 km waarbij 900 m stijgen en dalen).

Wandelterrein: Voor fitte bergwandelaars met enige bergwandelervaring. Overwegend over goede paden, geen echt steile stukken; op Scafellmassief wel veel steenblokken wat lopen vermoeiend maakt.

Navigatie: Eenvoudig vanwege duidelijke paden en steenmannen (op Scafellmassief).

Startpunt/eindpunt: Wasdale Head, parkeerplaats bij National Trust Campsite.

Globaal routeverloop: Over de westelijke uitloper van Lingmell omhoog en in de pas onder Lingmell het brede stenige voetpad omhoog naar Scafell Pike. Omlaag naar bergpas Esk Hause, daar links langs diverse fraaie bergmeren via de bergpas Sty Head omlaag naar Wasdale Head.

Bij Sty Head Pass.

Dagtocht Helvellyn

Populaire rondtocht voor geoefende bergwandelaars over een van Engeland’s meest bezochte bergen via twee moeilijke klauter-rotsgraten.

Lengte: 6 uur (12 km waarbij 800 m stijgen en dalen).

Wandelterrein: Uitsluitend voor geoefende bergwandelaars. Lastig op beide graten richting top vanwege steile afgronden en af en toe korte klauterpassages met name op Striding Edge. Overig routeverloop eenvoudig over brede en stenige paden met geleidelijke stijging en daling.

Navigatie: Eenvoudig tot matig moeilijk. Duidelijke paden tot Red Tarn, routeverloop over beide graten op zich logisch maar door veel padsporen aan weerskanten van de graat wat chaotisch.

Startpunt/eindpunt: Glenridding (betaalde parkeerplaats).  

Globaal routeverloop: Via het pad langs Red Tarn Beck omhoog naar bergmeer Red Tarn, dan via de rotsgraat Swirral Edge naar de top van Helvellyn. Verder omlaag over de smalle rotsgraat Striding Edge en via de steenmuur bij Hole-in-the-Wall over het pad door weidse grashellingen terug naar Glenridding. Waarschuwing: bij harde wind of veel regen deze route vermijden.

Striding Edge is ene smalle graat die naar Helvellyn leidt.

Dagtocht Langdale Pikes

Klassieke en afwisselende rondtocht over uitzichtrijke rotspieken boven een schitterend Lakeland dal.

Lengte: 5 uur (8 km waarbij 800 m stijgen en dalen).

Wandelterrein: Voor fitte bergwandelaars met enige bergwandelervaring.  Eenvoudig tot matig zware route over soms steile rotsige paden met zeer korte klauterpassage (naar top Pike of Stickle), ook de afdaling naar Stickle Tarn is behoorlijk steil. Verder goede paden met stenen treden.

Navigatie: Matig moeilijk: bovenin langs de drie Pikes is het terrein onoverzichtelijk met een wirwar van paden.

Startpunt/eindpunt: Great Langdale bij National Park parkeerplaats tegenover New Dungeon Ghyll Hotel.

Globaal routeverloop: Ga langs het hotel en neem het linkerpad omhoog naar de top van Pike of Stickle. Ga vervolgens via Harrison Stickle naar het uitzichtpunt van Pavey Ark. Ga hierna kort in noordoostelijke richting over het stenige en veenrijke plateau tot aan het begin van de afdaalroute. Het is een rechtstreekse afdaalroute die min of meer oostelijk door een stenige en gruizige geul omlaag leidt. Dit pad is behoorlijk steil met losse stenen, maar toch is het de meest gebruikte route op en neer van Pavey Ark en daardoor heeft het een herkenbaar padverloop. Eenmaal bij Bright Beck aangekomen, wordt dit een normaal bergpad dat veel rustiger afdaalt richting het bergmeer Stickle Tarn. Hier omlaag naar het beginpunt.

Harrison Stickle op de achtergrond, dagtocht Langdale Pikes.

Meerdaagse tocht Cumbrian Circuit

Indrukwekkende rondtocht (4 dgn) door het wilde hart van het Lake District National Park, met onderweg extra dagtocht vanuit een basiskamp.

Dag 1 – van Rosthwaite naar Elterwater

Lengte: 6 uur, 15 km waarbij 600 m stijgen en dalen.

Wandelterrein: eenvoudig over vrij goede bergpaden die geleidelijk stijgen en dalen. Voor Lakeland-begrippen een vrij rustige en ingetogen start door eenzame en hooggelegen dalen met het drukke Grasmere en Elterwater ter afsluiting.

Navigatie: eenvoudig vanwege duidelijke paden, alleen boven bij Greenup Edge minder duidelijk.

Globaal routeverloop: In Rosthwaite beginnen op de kruising met weggetje naar Stonethwaite. Volg dit smalle asfaltweggetje tot de splitsing. Hier bij het wandelbord (‘public footpath Greenup Edge-Grasmere’) links en over de brug van de Stonethwaite Beckomhoog naar de riviersplitsing bij de beek Greenup Gill. Ga hier over het linkerpad omhoog naar de bergpas Greenup Edge. In noordoostelijke richting kijk je nu uit over het lege dal van Wyth Burn, dit dal traverseer je min of meer door het rechterpaadje te volgen dat in oostelijke richting door venig terrein voert naar een bergpas, tussen Ferngill Crag en Calf Crag.

Hier het pad omlaag nemen (zuidoost) dat langs de bergbeek Far Easedale Gill voert. Bovenlangs de Brimmer Head Farm totdat je rechts door een hek omlaag kunt (wandelbordje Grasmere). Over de asfaltweg links en steeds rechtdoor tot de B5287 in Grasmere. Hier rechtsaf (Langdale Road) tot een T-splitsing bij een grote parkeerplaats en daar weer rechtsaf over een smallere asfaltweg die richting Dale End voert bovenlangs de zuidwestelijke oever van het meer Grasmere. Na 1,5 km rechtsaf bij een public footpath-bordje richting Loughrigg Terrace. Onderweg wandelborden richting Elterwater en Langdale aanhouden. In het pasje rechtdoor en in zuidwestelijke richting afdalen naar Elterwater.

Dag 2 – van Elterwater naar Eskdale

Lengte: 8,5 uur, 18 km waarbij 1.100 m stijgen en 1.000 m dalen.

Wandelterrein: tot Cockney Beck matig zwaar vanwege forse hoogteverschillen, deels over veen en deels door stenig terrein, maar overal gewone bergpaden; laatste deel eenvoudig (uitzichtrijk maar saai) over de weg. Conditioneel forse dag door de weinig bezochte Tilberthwaite High Fells via een mooie graatroute.

Navigatie: matig moeilijk tot Cockley Beck, daarna eenvoudig.

Globaal routeverloop: Ga de brug in Elterwater over, eerst even rechtdoor maar bij volgende splitsing rechts over een stenig breed pad. Via Slaters Bridge naar Greenburn Beck. Hier een vaag pad in zuidwestelijke richting volgen over Birk Fell naar de top van Wetherlam. In westelijke richting afdalen en over Black Sails omlaag naar een kleine pas, vanwaar omhoog  via de Prison Band naar de top van Swirl How. Daal nu eerst in westelijke richting af en buig noord naar het plateau tussen Great Carrs en Swirl How. Loop dan in westelijke richting onderlangs Great Carrs naar de pas tussen Great Carrs en Grey Friar. In zuidwestelijke richting omhoog naar Grey Friar. Vanaf de top in noordwestelijke richting omlaag naar Cockley Beck. Via de weg langs Hardknott Pass en omlaag naar Eskdale.

Dag 3 – van Eskdale naar Wasdale Head

Lengte: 6,5 uur, 16 km waarbij 700 m stijgen en dalen.

Wandelterrein: matig zwaar in het bovenste deel van Upper Eskdale over een stenig pad, maar vanaf Esk Hause eenvoudig over een breed en geleidelijk pad omlaag. Prachtig wild dal met zicht op Scafell vanaf een stille kant!

Navigatie: overwegend eenvoudig, grotendeels over duidelijke paden, alleen in Upper Eskdale ontbreekt een pad, maar het routeverloop is vrij duidelijk.

Globaal routeverloop: Sla bij de telefooncel het stenige weggetje in noordelijke richting in. Dit voert omhoog naar het stenen bruggetje bij Lingcove Beck. Het pad voert verder langs River Esk en komt bij Great Moss uit in een weidse dalkom. Hier is van de wilde River Esk weinig meer over, je kunt hem hier veilig doorwaden. Volg nu de linkerkant van de rivier in noordoostelijke richting verder stroomopwaarts. Blijf de rivier volgen omhoog tot de brede pas Esk Hause. Volg hier het pad dat in noordelijke richting geleidelijk afdaalt en dat vervolgens naar noordwest buigt naar bergpas Sty Head. Daal in westelijke richting af naar dorpje Wasdale Head.

(EXTRA dag: vanuit Wasdale Head de dagtocht Scafell Pike doen.)

Dag 4 – van Wasdale Head naar Rosthwaite

Lengte: 6,5 uur, 14 km waarbij 900 m stijgen en dalen.

Wandelterrein: eenvoudig over brede paden tot bij Allen Crags, daarna matig zwaar via padsporen, soms rotsig dan weer veen. Geleidelijke stijging en niet echt klauteren. Over een goed pad geleidelijk omlaag. Glaramara is een populaire, uitzichtrijke maar niet overlopen bergrug en vormt een fraaie afsluiter.

Navigatie: matig moeilijk voor wat betreft Glaramara omdat het pad niet heel duidelijk is en de bergrug vrij breed.

Globaal routeverloop: Eerts terug omhoog naar Sty Head. Daar volg je het rechterpad langs bergmeer Sprinkling Tarn voert. Na dit bergmeer negeer je het pad dat links omlaag voert langs Grains Gill naar Rosthwaite, je loopt nog even rechtdoor maar bij de volgende splitsing van paden ga je linksaf omhoog naar een breed plateau met steenman tussen Esk Hause en Allen Crags. Hier links in noordoostelijke richting via een smal stenig paadje omhoog naar het topje van Allen Crags. Daar min of meer rechtdoor, noordoostelijk, afdalen naar het venige plateau bij meertje High House Tarn. Vanaf High House Tarn via een stenige tussentop van 721 m afdalen naar een smal veldje en vervolgens klim je door rotsig terrein naar een volgende tussentop op 760 m. Opnieuw kort afdalen om dan de hoofdtop Glaramara te bereiken. Houd vanaf de top noord aan, links onderlangs de markante rotstop Combe Head. Blijf zoveel mogelijk op de bergrug noordwaarts lopen, dan kom je uiteindelijk een duidelijk pad tegen dat bovenlangs Raven Crag begint te dalen naar de bergbeek Combe Gill. Dit  bergpad brengt je naar het asfaltweggetje langs River Derwent vlak bij Thornythwaite Farm. Rechtsaf en opnieuw rechtsaf over de grotere weg 1 km naar Rosthwaite.

High Spy boven Newlands Valley vlakbij Keswick.

Kaarten en boeken

  • Kaarten: Ordnance Survey nr 90, Penrith & Keswick met schaal 1:50.000. Of Harvey’s Lake District 1:40.000. Nog beter: waterdichte 1:25.000 kaarten van Harvey’s Superwalker serie of van de Ordnance Survey Outdoor Leisure serie (nr 4,5,6 en 7).
  • Nederlandstalige bergwandelgids: Bergtochten in Schotland, Wales & Engeland van Jolanda Linschooten (Dominicus Adventure, € 19,90, o.a. gesigneerd te bestellen via www.OutdoorFoto.nl)
  • Collins Rambler’s Guide Lake District, John Gillham en Ronald Turnbull. ISBN 9780002201360.
  • Tour of the Lake District,  Jim Reid. Cicerone, ISBN 9781852844967.

Adressen en sites

Accommodatie

Voor meerdaagse Cumbrian Circuit:

  • Elterwater: Jeugdherberg, tel. (0)15394 36293. Britannia Inn, tel. (0)15394 37210.
  • Grasmere: o.a. Grasmere Independent Hostel, tel. (0)15394 35055.
  • Eskdale: o.a. Jeugdherberg Eskdale, tel. (0)870 7705824, e-mail: eskdale@yha.org.uk.
  • Wasdale Head: www.wasdaleweb.co.uk. B&B: Wasdale Head Inn, populaire plek voor fellwalkers! Tel. (0)19467 26229, www.wasdale.com.

WeerberichtLake District

Op of naast de paden?

In de dalen mag je uitsluitend wandelen over Public Footpaths, die overal goed gemarkeerd zijn. Boven in de fells mag je ook van de paden af, in 2005 wettelijk vastgelegd in de Countryside Rights of Way act. Honden mogen meestal mee, indien kort aangelijnd tussen 1 maart en 31 juli. Buiten deze periode mogen honden alleen ongelijnd indien geen vee aanwezig is.

Bergredding

  • Algemene bergredding: T 999 of 112 werkt voor alle Britse berggebieden, altijd doorvragen naar de Mountain Rescue.
Zicht over de stille Newlands Valley niet ver van Keswick.

Lees ook:

Gerelateerd

Delen

Waardering
79224
Stem nu !
Bedankt!
Mislukt !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *