Huttentocht in de Dolomieten, Italië

Avontuur, prachtig maar ook zwaar. Dit waren de termen die we gebruikten om onze dochter Fleur te enthousiasmeren voor een berghuttentocht in de Dolomieten. Na vele jaren hiken in de Verenigde Staten in onder andere de Rocky Mountains, Montana en Alaska, was het hoog tijd om de Italiaanse Alpen te gaan verkennen. Onze verwachtingen werden ruimschoots overtroffen: het werd adembenemend, super stoer en onvergetelijk voor ons en voor Fleur!

lijn-1px

Georganiseerde Alta Via Numero Uno huttentocht van SNP

Heb je na het lezen van onderstaand verhaal zin gekregen om de Vennbahn Radweg te gaan fietsen, maar lukt het door drukte niet om alles zelf te regelen? Dan kan Op Pad deze georganiseerde fietsreis van SNP Natuurreizen over de Vennbahn Radweg harte aanbevelen. Op de website van SNP vind je alle informatie over deze reizen, zoals beschikbare vertrekdata en prijzen. Kijk op snp.nllijn-1px

Onze keus viel op de ‘Alta Via Numero Uno’, één van de beste en mooiste wandelroutes in de Dolomieten. Het zou de eerste keer zijn dat Fleur een week lang met eigen rugzak op weg zou zijn. Dat is wel wat anders dan een of twee dagen. Was dat niet te zwaar? Hoe pak je dat aan? Er is weinig informatie over dit soort avontuurlijke tochten met kinderen, dus je moet vooral afgaan op je eigen ervaring en zorgen dat je eventuele tegenvallers kunt opvangen. Met behulp van reisgidsen, wandelkaarten en her en der verzamelde ervaringen van andere hikers op internet, maakten we een goed doordacht reisplan:

  • 7 nachten, 6 wandeldagen
  • Uitgangspunt voor Fleur: maximaal 7 kg op de rug
  • 5 tot 6 uur lopen per dag en liever geen Klettersteige.

Natuurlijk allen met goede uitrusting: ventilerende rugzakken, hoge bergschoenen, verschillende dunne lagen kleding, stokken, uitgekiend proviand, water met energiepoeders, etc. Vooral voor kinderen zijn goede spullen belangrijk. Schoenen niet op de groei kopen, ze moeten meteen goed zitten. Blaren of pijn betekent al snel einde vakantie. Zeven kilo rugzak was heel goed te doen. Toen de rugzak eenmaal goed was afgesteld hebben we Fleur er niet meer over gehoord.

Alle hutten vol

Onze tocht startte bij Rifugio Pederü, waar je makkelijk je auto kunt laten staan, om vandaar in zes dagen via Rifugio Vazzoler af te dalen naar Listolade. Daar zouden we weer door de eigenaar van Pederü opgepikt worden.

Een stabiel hogedrukgebied boven de Zuidelijke Alpen zorgde voor uitstekende condities. De eerste dag een korte etappe van de Pederü hut (1.540 m) naar Rifugio Fanes (2.060 m), om te acclimatiseren en de bepakking te testen en aan te passen. We hadden tevoren alle hutten gereserveerd. Dat was een verstandige beslissing, want gedurende de tocht bleken alle hutten volgeboekt. Door moeten lopen naar de volgende hut na een lange dag is wat je moet vermijden met kinderen in de groep. Ze stellen zich exact in op de tijd en afstand en als de hut in zicht is, moet dat ook het eindpunt zijn.

De eerste klim was weer even wennen. Vooral kinderen moet je stimuleren om langzaam te lopen en te blijven doorlopen. Vaak zie je kinderen (en onervaren hikers) veel te snel omhoog gaan, snel moe worden, dan weer rusten, en dan weer te snel verder gaan. Doe het rustig aan, dan kunnen ze hele dagen blijven lopen.

Op het dak van de wereld

Vroeg starten is belangrijk, want in de Dolomieten is de kans op een onweersbui in de middag altijd groot. Dus zaten we de tweede dag om zeven uur aan het gezamenlijke ontbijt en gingen we rond half acht op pad voor wat een fantastische dag zou worden: twee grote klims, een spectaculaire afdaling, een feeëriek meer en een fikse hagelbui. Het eerste gedeelte van de tocht voerde door de prachtige groene Fanes Alm onder de vrolijke begeleiding van wel honderd koeienbellen. Vanaf Passo Tadega Joch (2.157 m) begint de mooie klim naar Forcella del Lago (2.486). Fleur was opgetogen: bergmarmotten om ons heen, een groep van twintig gemzen balancerend langs de steile rotswand en sneeuw (om je hoofd te koelen)!

Uitzicht op Lago Lagazuoi in de steile afdaling van de Forcella del Lago.

Het uitzicht vanaf de Forcella del Lago is adembenemend. Je staat in een smalle doorgang tussen twee bergkammen en diep onder je ligt het azuurblauwe Lago di Lagazuoi (2.182 m). Na een welverdiende zelfbereide pastalunch bij het meertje begonnen we aan de laatste serieuze klim van de dag naar Rifugio Lagazuoi (2.752m). Steeds dreigender onweersgerommel veranderde al snel in hagelstenen die hard op onze hoofden en rugzakken denderden. Een goede pet of hoed is dan heel prettig. Gelukkig was het maar een korte bui en brak de zon alweer door toen we om half drie moe, maar zeer voldaan het terras van Lagazuoi bereikten. Het uitzicht is er fantastisch. Alsof je op het dak van de wereld staat in het gezelschap van de majestueuze Marmolade, de hoogste top van de Dolomieten (3.345m).

Het eten in de berghutten is goed in orde: antipaste, Carne en een toetje in elke hut. Maar de lokale specialiteit van Lagazuoi, ravioli met bietenpuree en polenta, door Fleur omgedoopt tot maismeelbrij, kwam niet in haar top tien.

Rifugio Lagazuoi. Op het dak van de wereld.

Geen optie

De derde dag gingen we voor dag en dauw op pad, voor de op papier langste dag. De etappe begon met een lange afdaling naar Passo Falzarego (2.105) om vervolgens de klim te maken naar het magnifiek gelegen Rifugio Nuvolau (2.574 m), om vervolgens weer af te dalen naar Passo Giau (2.236 m). Een goede manier voor Fleur om zware stukken door te komen zijn luisterboeken via de koptelefoon. Die leiden de aandacht af van het moe worden en helpen om het ‘dieseltje’ door te laten draaien. Nuvolau is één van de spectaculairst gelegen berghutten in de Dolomieten. Aan drie kanten gaat de bergwand steil naar beneden. Ons plan was om via de klettersteige Forcella Giau af te dalen. Volgens onze informatie niet moeilijk, maar na één blik de diepte in wisten we dat dit voor Fleur geen optie was, zeker niet zonder gordel en mogelijkheid tot zekeren. Dus liepen Fleur en Floris terug richting Rifugio Averau om vervolgens een minder moeilijke afdeling te nemen naar Giau. Marlieke en Erik overwonnen met zweet in de handen de twee klettersteigen en waren blij om iets na tweeën weer heelhuids beneden te staan. Als beloning: zelfbereide pasta met zalm en pesto en chocolademousse van ‘Trek’n Eat’ (smaakte uitstekend).

Na de stoere etappe van gisteren was de etappe van Passo Giau naar Rifugio Fiume (1.918 m) meer lieflijk. Na een korte maar steile klim naar Forcella Giau (2.360 m) kwamen we in een prachtige groene vallei bezaaid met grote boulders (rotsblokken). Tijd genoeg vandaag voor relaxte lunch (spinazie tortellini op het menu) op een idyllisch plekje. Daarna in rustige pas naar het gezellige en authentieke Rifugio Fiume. Vooral de koeien werkte op onze lachspieren: hun grootste hobby is het achtervolgen van de gasten, tot groot vermaak van Fleur en de andere gasten.

Avontuurlijk en zwaar

Dag vijf bracht ons van Rifugio Fiume, via Passo Staulanza (1.766 m) en Forcella Coldai (2.191 m) naar Rifugio Tissi (2.250 m). Een prachtige, avontuurlijke maar ook  zware dag. De zwaarste van de week. Onder een strakblauwe hemel en fel brandende zon begonnen we aan de zware en lange klim naar Coldai. Net als wij hadden ook de andere wandelaars last van de hitte. Gelukkig hadden we voldoende water bij ons en werden we hoger op de berg beloond met een ‘venticello’ (Italiaans voor briesje); Fleurs favoriete woord van de week! In Rifugio Coldai wachtte een lekkere Wienerschnitzel als welverdiende beloning en lunch. Ons werd verteld dat de tocht naar Tissi zo’n twee uur zou duren. Dat werden er ruim drie! Na het fotogenieke Lago Coldai namen we een ‘oud’ pad langs het indrukwekkende Civetta massief, dat uiteindelijk stopte tussen bergen sneeuw en losliggend gesteente. Voorzichtig glijdend hebben we ons een weg omlaag gebaand, waarna een zware lange klim naar Rifugio Tissi volgde, op het heetst van de dag. Op ons tandvlees kwamen we boven, maar de beloning was groot. Tissi ligt bijna op de top van de Col Rean, met een schitterend uitzicht op de 1.100 meter hoge Civetta noordwand. De muur die andere muren doet verbleken, volgens de echte alpinisten. De locatie, de mensen en het eten maakten dit onze favoriete hut.

Kleine hiker

Met weemoed lieten we Tissi de volgende morgen achter ons. Onze laatste dag begon met een afdaling door het mooie, met rotsblokken bezaaide Civettadal naar Rifugio Vazzoler (1.714 m), gelegen in een soort amfitheater, met steile wanden rondom en de imposante Torre Venezia als blikvanger. De laatste etappe was een lange afdaling naar Listolade (700 m) met steeds hoger oplopende temperaturen naarmate we verder beneden kwamen. Gelukkig bracht de rivier veel verkoeling. Een natte pet geeft zo weer 45 minuten verkoeling. En dankzij een keurige stipte taxiservice van Rifugio Pederü waren we rond zes uur weer terug bij ons startpunt. Zes dagen met rugzak door de Dolomieten is niet gemakkelijk voor een tienjarige. Het vergt een flinke portie doorzetten, maar levert wel een groots avontuur op. Na afloop waren de mooiste herinneringen van Fleur gelijk aan de zwaarste etappes. Kennelijk is de persoonlijke voldoening hierover ook meteen de sterkste ervaring. We hebben de hele reis geen andere kinderen gezien die eenzelfde tocht deden met rugzak en de meeste uitbaters van de hutten waren dan ook zeer complimenteus en blij verrast met deze kleine hiker. Voor ons was het een geweldige ervaring met Fleur, die zeker vervolg gaat krijgen.

Van onze reispartner SNP Natuurreizen

Dit lezersverhaal is in 2011 gepubliceerd in het tijdschrift Op Pad. Er bestaat geen verdere praktische informatie bij. Lees ook dit recentere verhaal over de eerste vier etappes van de Alta Via 1 (ook bekend als de Dolomieten Höhenweg 1) (die deels overlappen met de eerste twee etappes uit dit verhaal).

Gerelateerd

Delen

Waardering
2752
Stem nu !
Bedankt!
Mislukt !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *