Fietsen in Noord-Noorwegen

Met de reisbijbel van de Kystriksveien in een hand en één oog op het horloge fietsen Claar Talsma en Joanne Wissink door het Noorden van Noorwegen. Hun zoontje Fosse van drie jaar oud gaat mee in de fietskar. De route kronkelt langs de ruige kust en wordt geregeld onderbroken door een boottocht. Onderweg puzzelen ze met vertrektijden van boten, fietsafstanden en campings.

Op ons verlanglijstje voor de vakantie stond een stoere tocht door de bergen. Maar ook niet te pittig, aangezien we onze driejarige zoon, Fosse, in de fietskar meenemen. En zo’n fietskar voelt bergop al snel alsof je een waterskiër aan je spatbord hebt hangen. De Kystriksveien in Noorwegen biedt bergen op zeeniveau. Precies wat we zoeken dus. We volgen de kustweg vanaf Steinkjer in noordelijke richting, met als eindbestemming Bodø. Streng in de leer zijn we niet. Soms verlaten we de kustweg en hoppen we over wat eilanden naar het noorden van Noorwegen. Vanaf Steinkjer nemen we direct al een kleiner weggetje langs de kust. We fietsen tussen de korenvelden, schattige houten huisjes en weidse fjorden, een lieflijk landschap bijna. Een paar kilometer ­later zijn we op de echte Kystriksveien een stuk minder in onze sas. Met een bui ­boven ons, vrachtwagens in onze nek en een saaie helling voor ons is het stukken minder relaxt trappen. We vinden troost en beschutting bij een benzinestation. Het meisje achter de kassa kijkt ons meewarig aan als we onze kviklunch opeten naast de autowasplaats. Op dat verlanglijstje stond ook een café met lekkere koffie. Tsja, daarmee is Noorwegen niet rijk bezaaid. Met een brander uit de tas zorgen we zelf voor het alternatief.

Noorse eilanden

De volgende dag schieten we lekker op. We varen met de catamaran MS Namdalingen met grote snelheid over het fjord. De boot spurt door een doolhof van eilanden, bulten en hobbels die boven het water uitsteken. Abelvær is het uiterste puntje van een eilandenreeks, daarna is er niets dan de grote golven van de oceaan. Tussen de kale rotsen staan kleine witte huizen knus bij elkaar. De lucht is schoon gewaaid. De zon schijnt op het zandstrand rond de rotsen. We rollen de fietsen van de boot en ontdekken zowaar een winkeltje met een café! We zijn de enige gasten en smullen van wafels met room en jam. Met gevulde buiken en tassen vol boodschappen slingeren we een half uur later over de eilanden. Op en neer met een grote bocht gaan we, met steeds aan de linkerkant de zee. Twee grote bruggen brengen ons uiteindelijk in Rörvik. Rörvik heeft voor Noorse begrippen veel: een grote Rema 1000 voor de dagelijkse boodschappen, een sportwinkel met een wand vol blinkertjes en een plaatselijk museum dat wil wedijveren met het Sydney Operahouse. De grootste attractie van Rörvik is echter dat ’s avonds de Hurtigruten al toeterend afmeert. Deze rode kustboten komen hier elke avond langs op hun route van Bergen naar Kirkeness. Ook wij genieten voor onze tent van Noorwegen en de plaatselijke geneugten. De meeuwen cirkelen rond het kot waar de vissers hun vis schoonmaken. Een pannetje soep staat voor de tent te koken. In de verte komt de Hurtigruten tussen de eilanden door aantuffen. In Noorwegen is het leven prettig en simpel.

Fjorden

‘Mama, heb jij dat gedaan?’ roept Fosse blij vanuit de kar. ‘Wat schat?’ ‘Dat water?’Als ik me omdraai, zie ik hem in het karretje soppend met z’n laarsjes in een waterplas. We hozen de boel leeg. Het weer werkt niet echt mee. Alle buien en lage drukgebieden lijken over ons heen te komen. Ze worden steeds even afgewisseld met felle zonneschijn. Dan staan de dubbele regenbogen boven het water te jubelen. Daarna schuift de regen weer als een gordijn over het fjord. Alle kleuren grijs om ons heen. Wolken, water en woeste bergen ertussen. Op een kruising is een grote vlakte en een kiosk met geopend op de deur. Ha, een uitspanning! Helaas, de deur is dicht en de koopwaar oud en stoffig. We installeren ons op de veranda en smeren onze eigen boterhammen. Tijdens het half uur dat we hier zitten, komt er geen auto langs. Alleen als er een boot is aangekomen, rijdt er over deze weg een autotreintje voorbij. Daarna hebben we de weg weer voor onszelf.

Horn

De wekker gaat af. Het is zondagochtend half zeven. De enige boot van Horn naar Anddalsvåg gaat om kwart over negen en het is nog elf kilometer fietsen. Als we het haventerrein oprijden, ligt de boot nog aan de ketting. Even later pruttelt de espresso naar boven in ons koffiepotje. Met koffie en kaneelkoekjes in de hand werpen we de eerste aanblik op de Sju Sostre. Deze bergtoppen staan als zeven zusters met wijde rokken en spitse hoedjes keurig op een rijtje. Gerinkel van de ketting kondigt het vertrek van de boot aan. Eerst stapt de predikant aan boort en daarna volgt de Tine melkwagen. Fosse besluit bij het zien van de grote, glimmende wagen onmiddellijk dat hij tankwagenchauffeur wil worden. Tijdens de bootreis raken de zusters uit beeld. Het reizen met fiets en boot door dit landschap is als een toneelstuk met schuivende panelen. Het lijkt of de bergen als decorstukken rond worden geschoven. We vervolgen onze tocht over twee eilanden die totaal verschillend zijn. Herøy is vlak en bestaat uit een wirwar van eilanden. Grote boogbruggen verbinden de eilanden. Dønna is een grote rotsklont. Een bergpasje slingert eroverheen. Het lijkt een echte bergpas. We wanen ons in de hemel. In werkelijkheid zitten we honderd meter boven de zee. De weg gaat tussen twee rotspunten door, beneden ligt de zee, en daalt gemoedelijk langs de bergflank. In Bjørn zien we de boot voor onze neuzen wegvaren. Maar wachten is nu geen straf. De zon schijnt en we hebben een privéstrandje tot onze beschikking.

Svartisen

We sjezen weer met grote snelheid over het water en vermijden zo een pittige klim, lange tunnels en een heel stuk fietsen. In Stokvagen stappen we van boord. Een hijskraantje takelt allerlei pakketten van de boot. Een hele keuken wordt in onderdelen op de kade neergezet. De Kystriksveien is niet alleen een toeristische route, maar ook de enige levensader. Als de boot weer wegvaart, zijn ook de auto’s om ons heen snel verdwenen. Het lijkt of we aan het einde van de wereld zijn afgezet. Een steil, klein weggetje over woeste bergen verbindt ons met de rest van de wereld. De smalle weg voert ons om de verlaten kaap. Links ligt een fort, een deel van de Atlantikwall uit de Tweede Wereldoorlog. Welke Brit wil hier nou aan wal? En net als je denkt aan het einde van de wereld te zijn gekomen, kom je juist allerlei mensen tegen die het tegendeel bewijzen. Op de camping verderop lijken alle fietsers zich te verzamelen. De volgende dag fietsen we weer eenzaam door het woeste landschap. De weg gaat nu door een landschap van grote bergen. Hier woont geen mens. Om ons heen niets dan stenen en ijs. En dan komt de eerste tunnel in zicht. Gespannen hijsen we ons in de nieuwe, fluoriserende hesjes en knippen de lichten aan. We duiken het donkere gat in. Op hoop van zegen! Drie kilometer lang gaan we als mollen door de aarde. De tunnel is donker en ijskoud. Geen enkele auto komen we tegen. Dan eindelijk in de verte een klein wit vierkantje. Terug in de gewone wereld kijk ik eens achterom. Een enorme rotswand achter me. Nu ben ik blij dat we door een tunnel gingen en er niet overheen hoefden te fietsen. Vanaf een heuveltje iets verderop kijken we uit over de ruige bergen om ons heen. ‘Kijk de Noordpool, mama’, roept Fosse. Hij wijst naar de Svartisen in de verte. Het is de één na grootste gletsjer van Noorwegen die het landschap onder Bodø domineert. We zullen hem niet dichter naderen, omdat er in dat deel van de kustweg een tunnel zit die verboden is voor fietsers.

Beste boten in Noorwegen

De boot gaat om 12.15 uur. Dat is kiele kiele, denk ik, terwijl ik op mijn fietscomputer kijk. Ik trap nog maar iets harder door. Net op tijd komen we bij de haven aan. Samen met twee vrachtwagens gaan wij de boot op naar Sørarnøy. De kapitein wijst ons de wachtruimte. ­Terwijl we onze natte spullen uittrekken, vraagt hij waar we vandaan komen fietsen. Als we vertellen dat we in Steinkjer zijn ­gestart, hoeven we niet te betalen voor de overtocht. Als tractatie biedt hij warme chocolademelk uit de automaat aan. En zo zijn de boten eigenlijk de beste uitspanningen van Noorwegen. Na aankomst op Sørarnøy vragen we de weg bij de supermarkt. De winkel is het bruisende centrum van het eiland. Hier kun je alles krijgen: post, brood en benzine voor je boot. Ons ­volgende adres blijkt op een nog kleiner eiland te liggen. Na een telefoontje komt Ingrid ons in een blauwwitte speedboot ophalen. Het is maar vijf minuren varen naar Krokholmen, maar het lijkt een andere wereld. Samen met Ingrid zijn we de enige bewoners van dit mini-koninkrijk. Deze eilanden bieden een natuurlijke ­beschutte haven. Vroeger voor kabeljauwvissers en nu voor vermoeide fietsers. De vissers hebben rode pakhuizen achter­gelaten, waar de vis kon drogen. In de schemering struinen we door ons koninkrijk. De verschillende eilanden zijn met simpele hangbruggen met elkaar ­verbonden. De wind waait door het gras. De zee klotst zachtjes tegen de rotsen. Op een top staat een krakkemikkig bankje. In de verte de grillige pieken die we de ­afgelopen ­dagen hebben doorkruist. Zijn we daar doorheen gefietst? De woeste ­pieken zijn een ­onneembare vesting ­geworden. Het lijkt een prachtig sprookjeskasteel in het zachte avondlicht.

Van onze reispartner SNP Natuurreizen

 

Gerelateerd

Delen

Waardering
56445
Stem nu !
Bedankt!
Mislukt !

2 reacties op “Fietsen in Noord-Noorwegen

  1. Kunnen de dames Claar en Joanne ons aangeven waar deze Kystriksveien bijbel verkrijgbaar is?

    Is ons tot heden niet gelukt, maar lijkt een mooie uitdaging.

    1. Beste Peter en Gerdie,

      Meer informatie over de kystriksveien kun je vinden op deze website: http://www.kystriksveien.no/?lng=en

      Op die site kun je ook het boekje downloaden waar we in ons verhaal over vertellen (http://www.kystriksveien.no/?page=pager&art_id=2051). Het boekje is verkrijgbaar in het noors, engels en duits. Je vindt er niet alleen informatie over de vaartijden van de veerboten, maar ook over allerlei toeristische attracties en overnachtingsmogelijkheden.

      Veel plezier met de voorbereiding en mochten jullie nog vragen hebben, mail gerust nog een keer.

      groet,
      Claar Talsma

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *